Zeewolde Aktueel Nieuws Nieuwsblad

Lawine.                        212
Een lawine is een bult sneeuw die uit een groter verband geraakt en door de zwaartekracht naar beneden stort. Als er gevaar voor lawines dreigt worden alle mensen gewaarschuwd niet te gaan skiën. Of de piste is dan roekeloos en levensgevaarlijk. Een lawine van informatie wordt over ons land uitgestrooid als de zoon van de moeder, die nu nog is wat de broer van de zoon straks wordt, door een sneeuwmassa wordt bedolven en na twintig minuten uit de sneeuw wordt gehaald en in kritische toestand naar een ziekenhuis wordt gebracht. Radio en tv gaan acuut op de Friso-stand. Reguliere uitzendingen worden abrupt afgebroken voor de stortvloed aan info.
“Hoe lang hou je het vol onder een lawine?” “Wat is een lawine?” “Had dit door de betrokkene voorkomen kunnen worden?” “Hoe verloopt de medische behandeling?” ...
De familie in Lech en heel Nederland van de leg.
“Waar was u op vrijdag 17 februari des namiddags toen u het hoorde?”
Over dertig jaar zal deze dag nog in bejaardenhuizen gememoreerd worden in de quiz “Waar was u??” van Omroep Max in het rijtje Kennedy, de Bijlmerramp, de Suzuki bij de Naald en Enskedée.
Na een foto-shooting van de Lechfamilie is er vaak persstilte. Ik zou daar nu ook voor gepleit hebben. Meld het ongeval en laat de familie verder met rust. Niet dat allesoverheersende overdrevene.
Binnenkort weten we meer. En dat moet ook wel, want als het midden volgende week 15 tot 20 graden gaat vriezen worden de Rayonhoofden weer van stal gehaald en kunnen we dit er niet bij gebruiken. Op 26 februari wordt dan De Tocht der Tochten gehouden. Friso is dan of letterlijk of figuurlijk even vergeten.
Tsja, je kunt niet overal te lang bij stil blijven staan. Bij niks eigenlijk ...
 

Wim Sprick.

Bleker, Barbara en Bea in een prachtig land!                                 212
Henk Bleker en zijn Barbara Rijlaarsdam: een fraai koppel. Een paar weken geleden ging Henk met Barbara naar Berlijn op dienstreis naar de agrarische beurs. Natuurlijk had Henk uit eigen portemonnee voor Barbara betaald. Dat daar überhaupt aan getwijfeld werd. Erger vond ik dat ook Dion Graus meeging. Hij raaskalde op tv iets over een collega- parlementariër die bourgondisch en een stevige innemer zou zijn. Sommige mensen kunnen met een borrel op toch nog verstandige dingen zeggen, terwijl een abstinent zoals Graus, met zijn doorlopend abonnement op de verkeerde brillenwinkel, bij gebrek aan tekst of inhoud een collega gaat bespreken, en dat alles op staatskosten. Graus, met zijn “animale politieagenten”


Als het hier in Zeewolde veertien dagen permanent regent, ga ik de trouwe viervoeter niet meer uitlaten en bindt haar vast in de garage op hapafstand van de zak met twintig kilo Selection Croc à raison de 32 Euro, ververs elke dag de zinken emmer met water en wacht af wanneer de diersmerissen me met een bezoek komen vereren.


Terug naar Henk. Ik denk dat gelijk met de abdicatie van Beatrix ook Willem Alexander afstand neemt van de troon en dat het dan heersende kabinet besluit Henk en Barbara tot ceremonieel vorst en vorstin te benoemen. Henk en Barbara hebben dan residentie in de landelijke gebieden van ons Deltaland met als hoofdzetel een paleiselijke stulp in Vlagtwedde. Op Koningsdag, 31 januari (we nemen uit traditie overwegingen altijd de verjaardag van de vorige vorst), rijdt Henk met Barbara in een houten Groninger men koets, getrokken door veertien ‘Vlagtwedder pony’s’ van onbesproken gedrag, ergens door het land in een gebied dat het midden houdt tussen ecologische hoofdstructuur en cultureel mensengebied. Bea kan dan weer vrijelijk hoeden en sjaals op haar hoofd zetten zonder daar op aangesproken te worden. Maxima kan ongebreideld gezinsuitbreiding plegen en een eigen kweek kindergroepje, dat Vara’s Kinderen voor Kinderen vervangt, oprichten. Inclusief band: de “Vorsti-Band”. Als het regent gaat Willem, de H2O- manager, de waterstanden elke morgen op de radio voorlezen en als het droog is ook. Daarnaast doet hij in innige samenwerking met Maxima privé-spermabeheer (met de viriliteit van z’n opa en de monogamie van z’n vader). Wanneer Willem genoeg kinderen heeft en op Maxima uitgekeken raakt, krijgt hij verkering met Barbara, die is een stuk jonger, en wordt weer vorst van Oranje. Henk wordt dan gouverneur van België voordat de Zuiderburen bij ons ingelijfd worden.


Het is zo mooi in dit moerasland. Zoveel te zien, te horen en zoveel om je over te verbazen. En alles op dat kleine oppervlak, waarvan je de grens vanuit elke willekeurige plek bereikt, wanneer je langer dan twee en een half uur op VVD-gedoog-snelheid rijdt, inclusief plas- en/of koffiepauze.


Wim Sprick.

Politiek hintje (5): “Ad infinitum et absurdum.”                    212
Hij is er weer, de raspoliticus, de pluchebezetter, de debater met de zelfingenomenheid van een narcist en de argumentatie van een puber met adhd zonder Ritalin. De permanente drang iemand te onderbreken, aan te vullen en vooral: te verbeteren. Het onvermogen een ander uit te laten praten en de totale afwezigheid van de vaardigheid ‘luisteren’. Een zeer irritant persoon die, gezien zijn politieke historie, de gemeente en wellicht provincie honderden uren extra vergadertijd moet hebben gekost door zijn hyperaanwezige praatpretenties, die geen ander doel bereiken dan de vergadering te verlengen en voortdurend de aandacht op hem gericht te zien. Henk Zuiderbaron. Een fenomeen.
Het was voor mij de vierde keer dat ik het gremium dat bepaalt wat er in Zeewolde gebeurt bijwoonde. In tegenstelling tot de voorgaande keren was de vergadering op de vooraf afgesproken tijd afgelopen. Het had nog eerder gekund, maar daar stak de wijze van present zijn van Henk een stokje voor.
Hoe werkt het verbaal wellustige verschijnsel Henk:
1. Henk zegt zelf iets.
2. Een ander zegt iets, maar wordt door Henk onderbroken, aangevuld dan wel op zijn betweterig irritante manier verbetert.
3. Henk bedient zich van hoogmoedige zinnetjes zoals:
• “Je hebt de kern van mijn betoog niet begrepen.” –
• “Wat ik nu zeg wil ik wel in de notulen vermeld zien.” –
• “U hebt zeker het verslag van de vorige keer niet gelezen/begrepen.” –
• “Dát bedoel ik nu juist, met deze nuancering dat ik in tegenstelling tot de vorige spreker weet wat hij
zij niet weet, en dat is ..., want ...”
Henk valt niet de betrappen op een gebrek aan zinloze verbale diarree.
Henk let ook niet op de houding van anderen, maar hoort alleen en uitsluitend zichzelf bij gebrek aan respect voor andermans woord.
Het ergste is: Henk is onverbeterlijk, niet voor rede vatbaar, niet te overtuigen van zijn eigen beperkingen en vergader-onvermogens.
Hij kan niet meer anders. Is het zo gewend. De vijfde keer dat ik over twee maanden aanwezig zou kunnen zijn namens het hoogste bestuur van Zeewolde, dat van het Carillon in de toren aan het Kerkplein, gaat een bestuurscollega in mijn plaats. Een paar weken na de vergadering zal ik haar vragen hoe Henk was. Haar aanvankelijk non-verbale uiting zal geen nadere uitleg behoeven. Ze vraagt of ik alsjeblieft de volgende vergadering weer bij wil wonen.
Een volgende vergadering over alles wat er in de Gemeenschap te doen valt en ons altijd weer boeit en zo niet dan toch even in gemeenschap ten Gemeentehuize samenhoudt.
Dat bovenstaande als persoonlijke aanval kan worden opgevat is alleszins mijn bedoeling, waarvoor mijn niet welgemeende excuses op zijn plaats zijn. Gelukkig weet ik mij in een land waar de uiting van vrijheidsmening in hoog aanzien staat. Bij deze.
Laat ik wellevend doen waartoe Henk niet in staat is: ik stop dit relaas.


Wim Sprick.

Spreker op vrijdagmiddag            112
De spreker komt naar voren door het zaaltje met niet meer dan veertig, uitsluitend vijftigplussers. Even voor hem komt de wethouder binnen, die een seconde het publiek aanschouwt en dan zijn leren zwarte tas controleert en er een Black Nokia uithaalt, die inspecteert op aan/uit en daarna een papier met de voorbereiding voor de middag vluchtig bekijkt. Zijn vrouw komt op hem af, hij ziet haar en ze begroeten elkaar met een zoen. De spreker, in keurig pak en ontspannen ogend, in elk geval in vergelijking met de spanning en de ongemakkelijkheid die vaak van hem afstralen als hij geïnterviewd wordt op tv, is op de lege eerste rij gaan zitten en wacht af wat er komen gaat. De wethouder opent en heet welkom en zegt dat hij spreker met de voornaam mag aanspreken. Hij vergeet dat in de rest van de middag een aantal keren.
Het publiek bestaat louter uit aanhangers, leden van de partij waarvan spreker de landelijke fractievoorzitter is. Met sjaals en een enkele button maken ze dat duidelijk. En door niet kritisch te zijn. Spreker is het ook meestal eens met de in de vragen uit het publiek gegeven informatie. Hij aarzelt niet, geeft genuanceerde antwoorden en komt over als iemand die weet wat hij wil en kan en wat niet. Een vijftal mensen van de plaatselijke pers zijn aanwezig en mogen de spreker na afloop van de openbare bijeenkomst een tijdje ondervragen. Dat ziet er, gezien vanaf een paar meter, uit als een gezellig onderonsje. De stoelen zijn even in een kringetje gezet en de pers kan zijn gang gaan. Van het publiek blijven nog 20 mensen wachten tot alles is afgelopen en spreker naar zijn volgende afspraak, dertig kilometer verderop, gaat. In de korte na klets vraag ik de wethouder of ik spreker iets kan geven. Dat kan en ik geef hem een tekst met een hart-onder-de-riem gedachte en met een wederzijds fijnbesnaard bedoelde kwinkslag drukken we elkaar de hand.
Ik hoop dat zijn rol in de oppositie kortstondig zal zijn en hij een andere plek in de landelijke politiek zal gaan innemen. Het klopje op zijn schouder dient daartoe als non-verbale aanmoediging.
Buiten het gebouw bel ik thuis en gaan we samen een paar boodschappen doen voor het weekend ...
Innemende man met veel meer kwaliteiten dan hij nu kwijt kan.


wim Sprick.

 

Vader                                                                                                                           112

 

Ik spreek nooit meer met vader, want hij is overleden.

Hij zal wel in de hemel zijn, maar dat is nog omstreden.

Hij verdient er wel een plek, maar of die bestaat is nooit bewezen.

In een boek genaamd de Bijbel kun je er wel wat over lezen.

 

Vader ligt op de begraafplaats in een urn onder de grond.

Naast de tandarts, die zat weleens in z’n mond.

Ze liggen dicht bij elkaar, ze zullen wel heel veel zwijgen.

Bij leven al waren het mannen, waar je niet veel woorden van kon krijgen.

 

Spreken deed mijn vader wel, maar nooit zo heel erg lang.

Breedsprakigheid was voor hem, een vorm van eigenbelang.

Wel had hij droge humor en standaardgrapjes bij de hand.

Zo bracht hij steeds een ober zijn bestelling aan ’t verstand,

 

… altijd op dezelfde wijze, hij wilde dan een jonge klare

en zei: “Voor mij een stumpertje.” en ober dacht: ‘Wat een rare!’

“Een stumpertje is een jongen zonder!” Jenever zonder suiker.

Dan lachte ober schamper mee als service naar gebruiker.

 

Keer op keer legde vader uit wat hij nu eigenlijk bedoelde:

Een stumper is een jongen met een stomp, dat was hoe hij het voelde.

Een glas jenever zonder suiker is een stumpertje. Dat was de grap.

In elk restaurant hield ik even de adem in en nam geen hap.

 

Omdat ik wist wat er kwam:

de verbazing van de ober, die even de tijd nam

en de glimlach van vader na de uitleg van het mopje.

Zo was ‘slikkepitje’ de benaming voor een dropje.

(en ‘kaal-ies’ ijs zonder slagroom)

 

En een wandeling, een straatje rond

werd elke keer weer een ‘raatje stront’.

Vader was gevoelig voor het spelen met de taal.

Ik vergeet de grapjes niet, ik onthoud ze allemaal.

 

En wie weet later, in een pannenkoekenrestaurant

met gezellige placemats, wat kaarsen en een krant,

dat ik met vrouwlief een paar kleine kinderen eens trakteer.

Dan herhaal ik vaders grapjes opeens een keer …

 

 

wim Sprick.

Skimmen                                                                                                                                       112  

 

Sociale media vullen een groot deel van de tijd van velen. Twitter, Hyves en Facebook zijn zulke media. Jezelf profileren en (korte) informatie delen met anderen is een waar volksvermaak. Twitteraars, en wellicht ook Hyvers en Facebookers vinden genoegen in het hebben van ‘volgers’. Dat zijn de uitverkorenen die de uitingen mogen lezen en erop kunnen reageren. Persoonlijk, en ik ben geenszins paranoïde, houd ik niet van volgers. Op de trouwe viervoeter na dan, die al bijna 5 jaar ons dorpsgebied bepoept en bepiest, al naar gelang de behoefte en al dan niet aangelijnd, op de daartoe door de hond uitverkoren plekken.

Geert, die veel volgers heeft, twittert vorige week dat er in onze knusse leefgemeenschap geskimd is en dat veel inwoners daar de dupe van zijn geworden. En dat dan in 140 tekens. Denken dat Geert ‘knettergek’ geworden is, door onze gemeente en de pas-beveiliging hier zo openbaar door het slijk te halen, biedt geen opluchting. Ja, een klein beetje misschien.

Skimmen bij ons in de gemeente! We staan op de kaart en horen erbij bij de digitale dieven. Definitief!!

‘Skimmen (ook: skimming) is het op onrechtmatige wijze bemachtigen en kopiëren van betaalkaartgegevens. Het is een vorm van betaalpasfraude, waarbij criminelen de magneetstrip van een pas kopiëren en de pincode bemachtigen op het moment dat er een betaaltransactie wordt verricht. Vervolgens maken de fraudeurs een kopie van de pas, samen met de pincode kunnen ze geld opnemen en betalen in binnen- en buitenland.’ (aldus Wikipedia)

Als media (krant, radio, tv en de digitale) tot taak hebben informatie uit te wisselen en mensen met elkaar in contact te brengen, dan behoort skimmen ook tot de sociale media. Geen feest, vergadering of sportspektakel kan op tegen de sociale gesprekstsunami die de slachtoffers en overige dorpsgenoten samenbrengt in onze straten, pleinen, kroegen en huizen. De verbazing, wanhoop, boosheid en/of berusting is alom aanwezig. Tientallen, zo niet honderden gemeenschapsgenoten  hebben de gang naar de betaalautomaat gemaakt en geld gepind, niet wetend dat er frauduleuze apparatuur aangebracht is. De pin- en strip- privégegevens worden naar New York verzonden om daar door de fraudeurs te worden gebruikt om de rekeningen van de gedupeerden leeg te roven. Tenminste, als de betreffende rekening inmiddels nog niet door de bank is geblokkeerd. Gedupeerde bewoners die hier leven, werken en geld verdienen en dat ook graag zelf willen besteden.

Als gedupeerde slokt de automaat binnen een bank (dinsdag twee weken terug was het slecht weer) mijn pas op. Drie dagen later komt er per post een nieuwe pas, vier dagen later nog een. De eerste doet het niet. De tweede wel. Om dit te controleren meteen een pakje kauwgom gepint en een kop koffie bovendien. Hij doet het.

Wat één criminele digitale actie niet aan ‘live’ menselijk contact teweeg kan brengen. Als veel mensen iets delen in hun lot levert dat altijd voer voor gesprek op, vooral als je er niets aan kunt doen. Daarom is het weer ook zo populair.

Te doen heb ik met de buitenlandse man, bij wie de automaat geld uitspuugt, en het pasje inslikt. Drie ervaringsdeskundige medeslachtoffers troosten hem.

“U bent de enige niet, meneer!!” Ons dorp en New York: Wereldsteden!

 

Wim Sprick.

Amor Nicotinium                                         112

 

… na het bed

delen we een sigaret

jij met filter en ik zonder

de jouwe ligt boven en ik onder

jouw peuk ligt genoeglijk

op de mijne

in de asbak op het tafeltje

in de tuin

 

we hebben het weer gered

we hadden pret

het was weer heel bijzonder

in de warme schaduw op de vlonder

je noemt het onwelvoeglijk

jij denkt het hare, ik het zijne

in onze huwelijken zit een rafeltje:

 het ligt al lang in puin

 

toch zou je zonder mij

en ik zonder jou

heel ontevreden zijn

 

we maken elkaar vrij

vergeten even beloofde trouw

 vinden elkaar steeds, dat maakt het fijn

 

zo nu en dan zij aan zij

als man en vrouw

buiten alle beloftes samen zijn

 

in de asbak wachten twee peuken

tot we weer wat tijd gaan delen

de doorbreking van de sleur, de vlucht van het vervelen

even weg van het dagelijkse dat gaat jeuken

… als we weer gaan inhaleren na het strelen

in het bos, in de tuin of in de keuken …

 

 

wim Sprick.

Integriteit 112

In een interview in Vrij Nederland naar aanleiding van zijn voorstelling “Übermensch” zegt Helmert Woudenberg dat hij niet weet of hij in de omstandigheden, waarin zijn vader (SS’er) en zijn grootvader (NSB’er) leefden, niet tot dezelfde ‘foute’ keuzes zou zijn gekomen.

Jaren geleden speelden Kees van Kooten en Wim de Bie een scène, waarin de een de ander uitlegt wat zijn grote verzetsdaad was, namelijk een Duitse soldaat in de Tweede Wereldoorlog op diens vraag waar het treinstation is hem de verkeerde kant op te sturen (“Wo ist der Bahnhof?” – “Do ist der Bahnhof!”).

‘Times, they are changing!’, zingt Bob Dylan nu nog steeds. Er verandert niet zoveel door de tijd heen, alleen kijken wij er als hedenlevers steeds weer anders tegenaan, door de invloed van de heersende mening of die van naasten, superieuren of geliefden. De hype is een aanvaard belevingsmoment als waan van de dag, maar vooral niet veel langer, want dan moet er iets nieuws komen. Als een klein kind met dertig speelgoedjes, dat een halve minuut met elk speeltje bezig kan zijn en na een kwartier verveeld de rommel aan de kant gooit.

De filtering, beklemtoning en herhaling van de nieuwsfeiten en meningen van de dag op de radio, de tv en in de papier-pers en via de sociaal-digitale media maken ons tot gewillige afnemers van hapklare opiniebrokken. Iemand kan een onomstreden slecht boek schrijven, maar als de verkoopcijfers echt een boost nodig hebben, is een gesprekje van een paar minuten bij ‘De Wereld Draait Door’ voldoende om verkoopcijfers te genereren. Het is dan ook niet de bedoeling dat iedereen het gepresenteerde boek leest, als men het maar koopt uit een soort ‘ik-doe-mee-en- hoor-erbij-gevoel’.

Wanneer ex-politicus, gewezen huisarts en Rob Oudkerk in een onverwacht moment het vrouwelijk geslachtsdeel als voorvoegsel aan Marokkaantjes toevoegt, stemt een aantal jaren later 35 % van de inwoners van Schin op Geul op de PVV, terwijl het direct contact met Berbers in Schin nihil is. Maar ‘Berbertje moet hangen’, schijnt het devies en stemadvies te zijn. Schin op Geul, een Limburgs kerkdorp, heeft ongeveer 1700 inwoners. De kerk en de rol van Pastoor Pielemans is klaarblijkelijk uitgespeeld (bij de pastoor door eigen toedoen, handelen en het verdonkeremanen daarvan). Een nieuw geloof vult de behoefte aan angst en zekerheid of vijandbeeld op: vreemdelingenhaat. Frame dat en preek het voor de bevolking en een behoefte wordt bevredigd. Boos zijn op en bang zijn voor een vreemde schept een band, ook al is die niet reëel.

Het erop na houden van een oprechte mening lijkt makkelijk maar is moeilijk door het voortdurend bombardement aan info binnen hand-, oog-, oor-, en bij sommigen in laatste instantie binnen denkbereik.

Politiek handelen en integriteit staan voor mij haaks op elkaar tot het tegendeel bewezen wordt. Ik word demokritisch, maar weet geen alternatief voor onze staatsvorm. Een behoefte aan spiegels die voorgehouden worden heb ik. En daaruit een min of meer integer standpunt of gedrag destilleren is een nobel streven. Een bewuste, eerlijke en authentieke keuze uit het speelgoed zal ik willen maken.

Met dank aan Helmert, Kees en Wim, Bob en Rob en niet te vergeten Geert …

… en vele, vele anderen …

wim Sprick.

Oudejaarsavond                                                                                                  1211

                                                                                                 

 

Vlak voor het jaar voorbij is

de avond voor het nieuwe jaar:

koude, mist, rook van vuurwerk,

knallende kurken, vettige oliebolmonden.

 

En dan een gesprek met z’n tweeën.

Terugkijken op het voorbije jaar en blikken

op het komende met goede moed en optimisme.

Het gaat er niet om dat alles uitkomt, het gaat om het gesprek.

 

Het gaat om de bedoelingen,

die uitgewisseld worden en elkaar

als het goed is versterken en niet kruisen.

Evenwijdig het nieuwe jaar in met elk een eigen spoor.

 

Elkaar aankijken en beluisteren

met aan de horizon altijd de sporen,

die samen komen in een punt van herkenning.

Gedeeld verleden en toekomst, voor zover te voorzien.

 

Gewoon etend, pratend, drinkend

om het vergane en het nieuwe te vieren.

En morgen naasten een Nieuwjaarsgroet  brengen.

 

Maar nu de vervoering:

in samenzijn,  

in gesprek, in verwachting.

 

 

wim Sprick.

Toekomstige Politici?   Politiek hintje (3)                                                                          1211                       

                                                                                                         

In het opleidingsinstituut voor toekomstige politici, gevestigd in een peuterspeelzaal, worden de politici van 2041voorbereid op hun toekomstige functie als verbaal-hufter-proef politici. Daar klinkt de stem van de PLC oftewel de Political Life Coach. Een meisje loopt op hem af. De PLC:

“Als jij g~#$%^&* nog één keer met je tyfusvette glimlach en je randdebiele loopje op mij afkomt, dan?... Begrepen?”

Het kind loopt langzaam terug naar haar stoeltje, zoals een politicus na een overbodige interruptie naar zijn Tweede Kamer Zetel terugloopt.

“Dit is een natuurtalent, ze is hier kort en ik zie heel veel politieke potentie.”

De PLC vervolgt: “Kijk wat ze nú doet!”: Het meisje zegt tegen het jongetje naast haar dat hij lief is, pakt een schaartje en steekt het jochie ermee in zijn rug. De PLC: “Dat doet ze goed, erg goed. Ze zegt het één en doet het ander!”

Volgens hem een basisvoorwaarde voor een geslaagde politicus. 

De PLC pakt een zak snoep en roept vier kindertjes bij zich. De spelvorm heet fractiediscipline: de vier gaan in een kringetje op stoeltjes zitten en mogen de zak snoep met z’n vieren leegeten, terwijl de overige vier kinderen het toekijken hebben. Wat er ook gebeurt, ze mogen geen contact maken met de kinderen zonder snoep. Eén van de niet snoepers begint te huilen. De PLC zegt dat hij het huilende jongetje een kopje thee zal geven. Een toppoliticus ziet hij niet in het jochie, misschien kan het peutertje nog een rol spelen in de oppositie of burgemeester worden, maar de PLC heeft zijn twijfels.

Als het snoepzakje leeg is moeten de peuters één voor één bij de Political Life Coach komen voor een tv-interview. De PLC speelt Rüdiger van Castraticum van ‘Poedernieuws’ en daar zijn de vragen dan ook naar. Brutale en zinloze vragen waar je geen antwoord op wilt geven en dat is dus ook de bedoeling. Beantwoord als politicus in een vraaggesprek nooit of zelden een vraag en probeer je eigen verhaal te vertellen. Het hoogste doel van de politicus op tv.

Dan is het pauze ofwel Reces. De kindertjes rennen naar buiten en ook daar gaat de peuterpolitieke bezigheid door, het is net werken. Opdracht: ideetje lanceren. De peuter probeert dan een niet populair idee door het hekwerk van het peuterplein naar een ouder/verzorger te ventileren. Die wordt door de boodschap van de kleine zo getriggerd dat hij/zij het pleintje oprent en de PLC opzoekt en roept: “Is het waar dat …?” Perfect handwerk: lekken met de luier nog om! 2041: Mijn leeftijd is dan boven de tachtig en ik kijk glimlachend terug op het gehufter van toen, van2011Wie weet?

Wie weet het dan nog?

 

 

wim Sprick.

 

 

Jouw Volgorde                                                                                                                                          1211

                                                                                                                                        

Alles heeft z’n volgorde. Wie heeft er nooit gehoord: “Eerst nadenken, dan doen!” of zegt het zelf? Of: “Eerst zien, dan geloven!” In bredere zin wordt iedereen eerst geboren en gaat, hopelijk een lange tijd erna, dood, een enkele uitzondering daargelaten, die weliswaar dood gaat maar daarna weder geboren wordt: dat is voor degenen die eerst geloven en dan wel zien.

We zijn ook gewend aan een bepaalde volgorde. Het is nu december. Stel, we zouden deze maand eerst oud en nieuw en dan Sint en daarna Kerst vieren, dan zou menig planning in de commercie, in de productie,  in de planning, in de reclame en in de programmering van de media (kranten, tijdschriften, radio, tv) ernstig verstoord raken. Het afwijken van het gebruikelijke zou uitwerking hebben op scholen, bedrijven, eindejaar bijeenkomsten, kerstpakketten, filevorming en vakantiebesteding. Het land zou in roer en rep zijn. Correctie, ook hier een vaste volgorde:  in rep en roer. In de economie werkt men ook met een volgorde. Hoe meer mensen, instanties of landen zeggen: “Ik schaf dit eerst aan en betaal later wel een keer”, hoe slechter het uiteindelijk met de economie afloopt.

Ook banale zaken hebben een volgorde. Stel, een kip zou op een dag bedenken:

“Ik leg vandaag een kuiken en zie wel of daar een ei uitkomt.”Dat zou, op z’n zachtst gezegd, opmerkelijk zijn. Wij mensen hebben in vrijwel alle dagelijkse handelingen een vast bepaalde volgorde. Zo staan we ’s morgens eerst op en gaan daarna naar het toilet om een gedeelte van onze blaas- en/of darminhoud te ledigen in een daarvoor bestemde voorziening in een  ruimte die toilet heet, en nooit andersom. Andersom geeft een hoop troep in bed. Als men brildragend en lichtelijk verkouden is, is het raadzaam de schone zakdoek eerst voor de bril en daarna pas voor de neus te gebruiken. Doet men dit andersom, dan valt de functie van de zakdoek voor het schoonmaken van de bril geheel weg.

Niet weinig mensen hebben qua karakter en houding naar anderen toe een basisprincipe dat bestaat uit de woorden: “Ik eerst, dan de anderen!” of

“Ikke, ikke derest kan stikken!” Uitingen hiervan zien we in het klein bij niet nummertjes trekkende apotheken en op marktpleinen bij groente-, kaas- of visboeren. Stelt de apothekersassistentie of de markt man of -vrouw de vraag: “Wie is er aan de beurt?”, dan ontwaakt er bij sommige klanten een oergevoel dat uit wil schreeuwen: “Ik sta hier al ongeveer sinds de vorige weekmarkt!! Ik was hier eerst!!” Zeer bevorderlijk voor het adrenalinegehalte en de hoge bloeddruk van de uitbater is het hebben van twee of meer ‘ik eerst’ personen voor of in zijn/haar bedoening. Als man moet ik erbij zeggen dat ik dan het liefst twee vrouwen zie bekstrijden om geholpen te worden. Dat geeft in de meeste gevallen meer verbaal vuurwerk. Is dit seksistisch bedoeld? Natuurlijk niet, en ik hoef niet zo nodig de eerste te zijn, maar heb wel altijd graag het laatste woord. Over volgorde gesproken!

 

wim Sprick.

Stapelen.                                                                                                                                                                                   1211

(N.a.v. onderzoek naar het onderzoek van voormalig Doctor Diederik Stapel is een nieuwe vorm van onderzoek ontstaan. Gefingeerd onderzoek oftewel onderzoek dat op niets anders dan ‘uit de duim’ gebaseerd is. Het zogenaamde ‘stapelen’.)

Uit onderzoek is gebleken dat er in Japan minder rollatorgebruik is dan in Nederland bij mensen van 67 jaar en ouder. De ouderengroep die onderzocht is, bestaat uit een in welvaart, welstand en te verwachten gezondheid vergelijkbare groep in Japan en Nederland. Zo’n 67.000 mensen werden middels een interview en een medische vragenlijst bevraagd naar het gebruik van en de behoefte aan een rollator.

Opvallend groot hierbij is het verschil tussen Japan en Nederland wat betreft het aantal gebruikers. In Nederland gebruikt 21 % van de 67 plussers een rollator en in de Oost ligt het gebruik onder de 4 %. Vanwaar dit verschil in een groep met vergelijkbare beschikbaarheid van de rollator? Ook daarna is onderzoek gedaan en de verklaring blijkt in de leef- en beweeggewoonten van de oudere Japanner te liggen. De gemiddelde 67 plusser in Japan beschikt niet over geraniums, maar zit wel, zij het anders dan de West-Europese Nederlander. De Japanner eet niet aan tafel gezeten op een stoel, maar gehurkt met gebogen knieën en belaste heupgewrichten op de vaak harde grond. Ervan uitgaande dat de Japanner drie keer per dag eet heeft hij/zij gemiddeld meer dan een uur per dag een geheel andere en zwaardere lichaamsbelasting dan de Nederlander. De belasting van rug, buikspieren, heupen en knieën is veel groter dan in de Rijndelta. Voeg hierbij het gebruik van stokjes voor het innemen van eten in plaats van mes, vork en lepel en het is duidelijk dat de Japanner met een sportieve inspanning bezig is tijdens de maaltijd. In het onderzoek is meegenomen dat de gemiddelde Japanner zich door zijn lengte al dichter bij de grond bevindt dan de Nederlander; dit kan evenwel het grote verschil in rollatorgebruik niet verklaren.

Uit vervolgonderzoek zal blijken dat meer dan 51 % van de Nederlandse Rollator gebruikers rugklachten krijgt door het verkeerde gebruik van het apparaat. Let op de hoek die rug en onderlijf van veel gebruikers maken. Vaak staan, lopen, strompelen of schuifelen zij in een hoek die bekend staat als 10 voor 6 (of 10 over 6 voor hen die wat later zijn). Deze houding lijdt tot overbelasting van de onderrug die de gebruiker ertoe brengt zoveel mogelijk te gaan zitten, waardoor het lichaam nog minder aan de nodige inspanning toekomt, de lage rugspieren verslappen en een chronisch pijnprobleem kan ontstaan. Tot zover het onderzoek.

Aanbeveling voor Nederlanders: koop hanggeraniums, hang ze aan het plafond en ga hier niet achter zitten (overbelasting nekspieren), maar staan!!                                                                                         wim Sprick.

 

vergadervogels

 

veel

heel veel vogels vergaderen

in de rij hoge bomen aan de overkant van het speelveld bij de school

 

kort, efficiënt, alle kwetteren tegelijk

in een enorme zwerm zwaaien ze de bomen uit

met de snavels dezelfde kant op

 

even chaos van kleine zwermpjes door elkaar

dan als een geheel landen op enkele andere bomen

de vergadering wordt hervat

 

wat de vogels willen

wat er ook gekwetterd wordt

steeds vliegen ze in een vlucht een plek verder

 

honderden zijn er

alle van dezelfde soort

de voetbal, de economie, de naderende winter?

 

de lol van het samenzijn als voorbereiding

op iets groots zoals een topsportploeg zich oppept

voor de grote wedstrijd die gewonnen moet worden

 

vogels zeggen me niets

ze zeggen elkaar iets wat me te boven gaat

zonder ook maar een moment de saamhorigheid te ontvluchten

 

een vlucht

vogels in de lucht

een mooi gezicht in de koude mist van een vooravond in het najaar

 

wim Sprick.

Hulpverlener                                                                                                                                     1111                                                                                                                                   

 

Hulpverleners. Er zijn er velen geweest tot vandaag de dag aan toe. Het begint met een huisarts en een kraam-vroedvrouw. Daarna komen een turndocent, een oogdokter, een mentor, een steunzolenvoorschrijver, een bloedpriklaborante, een fysiotherapeut, een leger psychologen en psychiaters en dan vandaag, als klap op de vuurpijl: de dermatoloog Hermine d’ Epitheel.

Om een aantal plekjes op het kale schedeldak te kunnen observeren, te diagnosticeren en te behandelen is er een verwijzing geweest van de huisarts. Zegge en schrijve 7 minuten duurt het hulpverlener-Hermine-hulpvrager-ik-contact inclusief het blootgeven van de lichaamsdelen hoofd, buik, borst en benen en het weer onttrekken van deze delen aan de ogen en de vingers van Hermine. Deze gewenste intimiteit, de behandeling, wordt afgerond met het aanstippen van de verdachte hoofdplekjes met stikstof, wat enkele brandwondjes tot gevolg heeft. De diagnose is een goedaardige huidcelwoekering, ontstaan door de stralen van de zon, welke zich in 10 % van de gevallen kan ontwikkelen tot een kanker. Over vier maanden controle.

Hermine is een decimeter langer dan ik en beschikt dus over meer huid, tenzij mijn tailleomvang ons lengteverschil compenseert. Ze heeft een schedel met mooi krullend haar en twee duidelijke ogen. En een slanke gestalte die zo te zien het beoefenen van sport niet schuwt. En een rustige, wat donkere stem met bijpassend luisterend oor, dat niet op de proef wordt gesteld, want veel heb ik niet te vertellen. De zeven minuten verlopen in een goede sfeer en het glimlachen van ons beiden verluchtigt de serieuze aanleiding voor ons samenzijn.

De vervolgafspraak is wanneer het eind van de herfst is veranderd in een ontspruitende lente nadat de winter is voorbijgegaan. Ik weet niet of Hermine zo lang kan wachten. Afijn, ze moet zich er maar bij neerleggen. De zonnestraling is al lang over het jaarlijks  hoogtepunt heen. Over een week of vier (21 december) gaan de dagen weer lengen …

In de behandelkamer is speciaal licht om huidoneffenheden beter te kunnen zien; ik zie ze in haar aangezicht en zij ziet ze op mijn schedel. Met beheerste overgave zal Hermine me in maart nog een keer op de huid zitten.

Zij gaat met man en kleine kinderen naar een met zon en sneeuw overgoten oord om de ski-kerstvakantie te vieren; ik vier de winter in mijn woonoord met wat bezoek, logés en familiesamenzijn, opgevrolijkt met pepernoten, oliebollen, appelbeignets, glühwein, kerstverlichting en vuurwerk. Het voorjaar zal weer langzaam ontwaken en op een vroeg morgentijdstip in maart zullen we elkaar weer ontmoeten. Een samenzijn, de kortste behandeling met de langste hulpverlener die me ooit hulp heeft verleend.

 

wim Sprick.

 

 

 

                                              Feest!                               1111

                                            

’t Is feest geweest,

feest bij de buren

het gepraat, het gelach

het klinken van de glazen

het geluid dringt door de muren.

Feestelijk was het daar

de feesttaart stond gesneden klaar

de koffiekopjes en de glazen

de hapjes mooi gerangschikt

de bloemen op de vazen.

Bezoek werd er, uitgelaten, ingelaten.

Een cadeautje geven met drie zoenen.

En dan het onafgebroken blijven praten.

Een toppunt van gezelligheid.

 

De stemming wordt wat losser

naarmate de tijd verstrijkt.

Een buurman doet een anekdote:

Over listig handelen met hem als held.

En het vangen van vissen: van die grote.

Ja, hij is geslaagd, heeft heel veel geld.

Nu aanzien nog, met name van z’n echtgenote.

Zij, die alles wat hij zegt herstelt en zegt dat geld niet telt.

Zij, die bij voorbaat op hem neerkijkt

maar d’r mond vaak houdt voor de lieve vrede

en hem op feestjes laat gaan met z’n verhalen.

Qua drankmisbruik wil ze niet in zijn voetspoor treden.

Maar zo langzaamaan begint ze wel van hem te balen.

Met z’n gebral, z’n sneren en gesnauw.

Hij loog al, toen ‘ie haar voor het eerst zei: “Ik hou van jou!”

Dat was wel in een andere tijd, heel lang geleden,

toen ze nog tevreden waren met het mooie en kleine.

En ze beiden nog niet om elk wissewasje streden.

en nog niet dat wederzijds leedvermaak hadden; van dat vileine.

 

Ze groet de buurman en de buurvrouw en gaat naar huis.

Pakt haar koffer van de kast en wat papieren uit de kluis.

De sleutels van de duurste auto en zijn creditcard:

Wat is samen met hem eigenlijk nog waard?

De vakanties? De sieraden? De dure wijnen en de diners?

Een feest? Het is over en uit. ‘t Is mooi geweest!!

        

                         

 wim Sprick.

Dienstverlening.                                                                                                                          1111                                

 

Prachtige foto’s hebben we gemaakt tijdens de herfstvakantie in Zwitserland. Verbaasd bekijken we twee weken na thuiskomst de twee zwart-wit foto’s, genomen in de buurt van Keulen en ons toegestuurd door een of ander Bundesamt van het buurland. Op de ene foto onze auto frontaal met achter het stuur mijn ‘blij dat ik rij’-gelaatsuitdrukking met naast mij een wit weg getoucheerd persoon, in wie ik mijn echtgenote vermoed, omdat we samen op vakantie gingen en gezamenlijk terugkwamen. Van alle overige auto’s op de foto zijn personen en kentekens accuraat verwijderd. De andere foto is een uitvergroting van ons kentekenbord.

Aanleiding voor het opsturen van deze verlate vakantiekiekjes is het overschrijden van de snelheidslimiet in de contreien van Keulen, en wel met 6 km. à raison de 36 Euro!! Bijgevoegd de mededeling dat er binnen acht dagen betaald dient te worden.

Bekeuring is bekeuring!

 

Bij een aantal pogingen via internetbankieren onze boete aan de Duitse Staat te voldoen (je wilt als rechtgeaarde Nederlander geen schuldgevoel t.o.v. het Buurland hebben; andersom is historisch geaccepteerd), blijkt dat ons digitale vernuft niet in staat is de boete te voldoen. Bij Een Bank besluit ik ten kantore het een en ander op te gaan lossen; we zijn ten slotte al zo’n slordige 36 jaar lid en een conflict met het land van Angela willen we ten ene male vermijden dus een tijdige betaling dringt.

In het moderne kantoor ontbreken loketten, een tafel met 6 stoelen en een desk op borsthoogte met een laptop erop vullen de ruimte, die aan de rechterkant omzoomd wordt door twee kamers, door glas afgescheiden (de financiële afwerkplekken), alwaar onder-ons-overleg kan plaatvinden. De Account en Support Manager, begin dertiger, begroet me  bij de helpdesk met een open, enigszins laatdunkende blik, die iets verraadt van: ‘Help, ik moet weer helpdesken.’ Na mijn vraag volgt zijn antwoord:

“Ik ga u leren hoe u de boete moet overmaken naar Duitsland.”

Ik ga u leren …?!?

“U gaat mij helemaal niets leren, ik hoef geen cursus! Ik wil dat U dit overmaakt en verder niets!”

Nadat mijn pincode is geaccepteerd wend ik me af van de desk om op zo nonchalant mogelijke wijze een tafeltijdschrift door te bladeren. Na drie mislukte pogingen lukt het de Bankemployé de 36 Euro over te maken. De luchtige, wat neerbuigende wijze van begroeting bij mijn binnenkomst is na de overmaking veranderd in een deemoedig dienstverlenende houding. De Bankman wil zelfs de geprinte foto’s nog wel even zien en vraagt of hij verder nog iets voor me kan betekenen.

“Nee, dit was het, we willen hier geen jaarlijkse gewoonte van maken.”

De Bankbediende kan een lichte buiging nauwelijks onderdrukken en wenst me een prettige dag en ik hem en mijzelf van het zelfde.

 

wim Sprick.

Politiek hintje. (2)

(voor 1 zie: www.zeewolde-actueel.nl)

 

Kwispelen, stemmen en koest.                                                                                                    1111     

Er zijn overeenkomsten in gedrag tussen politici en kiezers enerzijds, en dat van honden anderzijds.Politici en Kiezers zoeken elkaar op voor de verkiezingen, zoals honden op een uitlaatveldje. Over ongeveer drie jaar is het weer zover: Verkiezingstijd voor de Landelijke Stemming. Vooraanstaande Politici markeren de media, de straten en pleinen in die periode veelvuldig op alle mogelijke manieren, zoals een hond de puien met piesen markeert ter afbakening van het territorium. Zorgvuldig is een verkiezingsteam, de roedel, rondom de politicus bezig om oneliners, frames en slogans voor de leider te verzinnen. Er worden ballonnen, pennen en papiertjes uitgedeeld, zoals een hond geurvlaggetjes uitzet. Dat heet profileren.

De Politici in Verkiezingstijd lopen veelbelovend kwispelend op de Kiezer af en overladen hem haar met beloftes en afspraken, zoals een hond de ontmoeting begint met snuffelen aan voor- en achtereinde van de collega-hond en hem/haar eventueel de bek uitlikt. Stem alstublieft en wel op mij/ons! Soms vechten honden, meestal is het spel om even duidelijk te krijgen wie de sterkste is.

Politici bekvechten, noemen het debatteren en proberen in debat de opponent de vliegen af te vangen, de wind uit de zeilen en het bloed onder de nagels te halen. Bij honden is elke confrontatie instinctief, bij politici is alles of bijna alles (zorgvuldig, slordig dan wel dom) voorbereid. Naarmate het gebied verkleint van landelijk naar provinciaal naar lokaal vermindert ook het niveau van doortraptheid en berekeningsdrang bij de politici. De onderwerpen van aandacht verschillen overeenkomstig. Zoals bij honden de confrontatie gaat over de pikorde, de bal of de stok, gaat het bij Politici over Ecologische Hoofdstructuren (Landelijk en Provinciaal) of over de uitvoering van een Digitaal Uithangbord aan de randen van de Gemeenschap of over de inrichting van veertig meter bestrating tussen een Gemeentelijk Bestuurs- en Praathuis en een Winkelcentrum Het Ravijn (Lokaal). Op elk politiek niveau nemen de deelnemende Politici zichzelf en hun standpunten, ideeën, visies en meningen uitermate serieus. Honden nemen zichzelf een kort moment serieus en gaan daarna spelenderwijs in de groep over tot de orde van de dag. Politici verharden vaak in hun standpunt en gaan met de hakken in het zand uren over niets en voor niets, dan een vergoeding, in debat. Met als doel meer stemmen te winnen bij een volgende verkiezing, die voorafgegaan wordt door een paar dagdelen kwispelend begroeten van de Kiezer. De Kiezer die het allemaal al eens meegemaakt heeft en er na stemafgifte op gewezen wordt de mand op te zoeken en zich koest te houden tot hij/zij weer opgeroepen wordt, zal uiteindelijk de politiek zat worden.

Zoals een trotse Bouvier uiteindelijk een keffende Chihuahua beu is en bijt.

Zoals een hond er met een bot vandoor gaat, doet de politicus dat met Kiezers eigenbelang. De Politicus probeert er het zijne van te maken.

 

wim Sprick.

Body Dysmorphic Disorder.                                                                                             1011

(Een y-logisch exposé van de platte zeebodem.)

 

BDDis een ziekte. Net zoals anorexia, boulimia, depressie of diabetes. Waarbij de laatstgenoemde somatisch van aard is en de overige een y-logische, ‘tussen de oren’ oorsprong hebben. BDD is ingebeelde lelijkheid, die zich specifiek op één lichaamsdeel richt, een obsessief karakter heeft en de aangedane persoon veel te lijden geeft.

Zelf heb ik geen BDD, omdat er niet één specifiek lelijk lichaamsdeel is, maar de lelijkheid zich gelijkmatig over het lichaam heeft verspreid:

·      De hoofdhaarinplant heeft een zeer beperkt niet schedel dekkend oppervlak.

·      De neus is scheef.

·      De ogen staan niet in een horizontale lijn.

·      De onderkin ontwikkelt zich, in de vaart van weldoorvoed zijn en leeftijdsgroei en de tanende elasticiteit van de huid met de zwaartekracht mee.

·      Ditzelfde geldt de buik, de borstpartij, de armen en de billen.

·      De benen zijn dun.

·      De voeten zijn niet van een Grieks-Romeins in marmer uitgevoerde verschijningsvorm.

Uit de ruim aanwezige boven vermelde BDD aanleidingen kan ik geen specifieke keuze maken. Zoals een Duitser ooit schreef (in ‘Effi Briest’:)

“Es ist ein zu weites Feld.” Dit zorgt ervoor dat ik ondanks, of wellicht dankzij alle asymmetrie in evenwicht blijf. Met BDD behepte mensen hebben vaak een, door henzelf zo ervaren minpunt in het gezicht. Als je zelf de asymmetrie in je gezicht wilt waarnemen handel dan als volgt: kijk in een spiegel en bekijk je gezicht, pak een tweede spiegel en laat het spiegelbeeld van de eerste in de tweede reflecteren. Je neemt nu je gezicht waar zoals een ander persoon je waarneemt. Gegarandeerd een onthullende gewaarwording! Heb je dan nog het idee dat je gezicht volmaakt, harmonieus symmetrisch is, meld je dan aan bij een modellenbureau, bij een psychiater of bij een opticien.

In mijn omgeving ken ik mensen met Body Morphic Order, BMO: zij vinden dat zij aan elke norm en voorwaarde van klassiek en hedendaags uiterlijk perfectionisme voldoen en gedragen zich daar ook naar: uit de hoogte, afstandelijk en wat arrogant. Nog meer mensen ken ik die reden zouden hebben om BDD te hebben: ze zijn lelijk, maar zij zitten er niet mee. Dat is prettiger en geeft hen een reden verder te leven en ‘het’ te nemen zoals het is! Dat is belangrijk. Ik neem mezelf en velen om mij heen zoals ik ben en zij zijn. Enkele excessieve uitzonderingen daargelaten die ik een Boerka zou toewensen. Zo, tot zover het uiterlijk en nu weer over tot de orde van de dag beleving.

wim Sprick.

Nodig de Herfst …                                                                                           1011                           

Natte bladeren, wind, regen en koude. Het seizoen voor opkomende zwaarmoedig- en zwaarlijvigheid, en voor dikke boeken (of één iPad) bij de radiatorwarmte.

Het seizoen van het minderen van daglicht en van de gang van buitenlucht naar binnenskamers. Kleding en voeding worden zwaarder; in huis gaat meer en eerder op de dag verlichting aan; niet-winter-banden worden verwisseld voor winterbanden, sandalen voor boots, V-halzen voor shawls. 

Om de lange donkere tijd door te komen vieren we feesten: Halloween, St. Maarten, Sinterklaas, Kerst en Oud en Nieuw. Gezellig samen zijn met partner, gezin, familie, vrienden op vastgestelde tijden en met vaststaande rituelen. Sommigen verlangen naar de ‘feestmaand’ december, anderen wensen zich zo snel mogelijk begin januari toe.

Bij droog zonnig weer wandelen in de herfst. Kastanjes, beukennootjes, eikels en  gekleurde bladeren verzamelen in het bos. Onderweg een regenbui en dan toch  nog wat paddenstoelen bekijken en dan nat naar huis, waar warmte wacht. Kunstwarmte uit gas ontstaan. Net zo kunst als straks de sneeuw, de dennenboom, de stal, de mensen in en voor de tv, de bubbels met kaviaar,  de kerstwenskaart en het kerstpakket. Het herfstseizoen moet worden ondergaan als nodige overgang tussen einde zomer en de voorbereidingen voor de volgende zonvakantie, dit laatste terwijl de sneeuw smeltend langs het thermopane glijdt.

Herfst, voordat je er genoeg van krijgt is ‘ie voorbij. Weggewaaid, bevroren en opgeborgen voor een jaar. Herfst is nodig om van winter en voorjaar te kunnen genieten. Net zoals zomer nodig is om alle overige seizoenen zogenaamd goed te maken, alsof één seizoen dat vermag. Tuurlijk niet. Heb meelij met allen die seizoen-weergevoelig zijn, zij genieten slechts een deel van het levensjaar.

Laat de storm maar komen. Met windstoten, regenvlagen, onweersbuien, natte jassen en blad onder de zolen. Laat de stamppotten pruttelen, de erwtensoep na een dag verstijven en de Jacht beginnen. Jacht om eind december van een maaltijd te kunnen genieten aan een smakelijk en sfeervol gedekte tafel met op de achtergrond romantisch zoet gevooisde muziek en aan het eind van alle gangen die van de stoel, ruim uitgemeten. Om zo totaal uitgekakt afscheid te nemen van de laatste maand en de eerste te begroeten.

Laat de herfst …

 

wim Sprick.

De Bloedengel.

(een kort bezoek afgelopen juli)                                                                                    1011

In het Multi Medicinaal Lab tapt ze op gezette ochtenden liters bloed  af. En met plezier. Van 7.30 tot 11.30.  In de wachtruimte hangen plastic nummerkaartjes aan een spijker in de muur boven een van de wachtstoelen. Als je rechtop op die stoel zit moet je steeds even hoofd en rug iets naar voren buigen om de navolgende bloedgever de kans te geven de volgordekaart van de spijker te halen.

De deur naar het  aftapkamertje staat altijd open en de ‘op je gemak stellende woorden’  van de Prik Dame zijn altijd letterlijk te volgen.

We kennen elkaar van een periode waarin met regelmaat bloed getapt moest worden om de spiegel van medicijngebruik te kunnen bepalen.

Met opgestroopte linkermouw begroet ik haar met rechts. Routineus worden bloedbuisjes en priknaaldje gepakt en de ader plek gedesinfecteerd. Mijn rechterknie raakt de binnenkant van haar linker. Tijdens al haar handelingen praat ze onophoudelijk met een vriendelijke glimlach. Nadat de buisjes gevuld, de stickers geplakt en een minuscuul doekje het wondje bedekt, komt de afsluiting. Ze vraagt altijd of ze de knoopjes van de manchet even dicht zal doen. De eerste drie keer, een jaar of vijf geleden, weigerde ik dat. Daarna heb ik het altijd welwillend toegestaan. Dat schept een band: een manchetbloedprikband. Dit keer ging het om een check van bloedfuncties, medicijnen zijn al lang uit het lichaam verdwenen.

Na de behandeling, die niet meer dan drie minuten duurt, ben ik wijzer geworden omtrent de slagregens van de laatste dagen en een lekkage in de net gebouwde schuifpui bij haar thuis en het mededogen dat ze heeft met collega’s en artsen die nu in een tentje op een camping zitten.

De Prik Dame neemt en de Prik Dame geeft: hartelijkheid en een vrolijk “Misschien tot een volgende keer en een prettige dag nog! Tot ziens!!”

Ze is meer dan een Prik Dame: ze is een Engel des Bloeds. Afgetapt en opgemonterd verlaat ik met een vrolijk gemoed het intieme kamertje.

Mocht ik weer komen, dan uitsluitend op dagen dat de Bloedengel dienst heeft.

wim Sprick.

Tsjellokonsert. 1011

In het voorjaar

in de avond

in de kerk.

Publiek ontspannen

niet één meer jong

bijna allen na het werk …

 

Daar komt de stralend jonge,

wat gespannen, fraai geklede notedop-tsjelliste

met in haar voetspoor haar even mooie, begeleidend pianiste.

 

Duiden we het haar euvel, dat ze in het derde deel van Schumann een glissando miste?

 

Nee, dit is jonge virtuositeit, die zich nog jaren gaat ontplooien.

Zoals aan zijn eind

de oude pianoman Horowitz

in Moskou z’n muziek virtuoos kon voltooien.

Hij met foutjes van de gearriveerde;

zij met de onvolkomenheid van het zojuist geleerde.

 

Wat doorleefd was bij hem, is nog pril bij Judith.

Bij hem een rijk gesorteerd grijs, bij haar een technisch glinsterwit.

Zoveel toekomst nog te gaan voor de lerende tsjellist.

 

Eén ding had Horowitz, al was hij twee maal 86 geworden, nooit kunnen bereiken:

dat is de esthetiek van het uiterlijk, het naast het luisteren kijken.

 

Daarin is Judith hem nu al honderd maten voor

met haar oude vriendin de tsjello: een streling voor oog en oor.

wim Sprick.

--------------------------------------------

Het Dorp aan de MeerRand: EdloweeZ.(2)                                                                   911    

een Ans* (definitie Zeewolde Actueel, week 30, 26 juli*)                          

EdloweeZ: in ons nog niet volprezen dorp is het goed toeven! Sinds wat nat was drooggemaakt is en er volop beBoerd, beBouwd en beBurgerd is, is het er een Gemeenschap van jewelste van Leven en Welzijn. Iedere Dorpsburger in Buiten- dan wel Binnengebied woont er met plezier, graagte en zin. De provincie Leef o’ Land, waartoe EdloweeZ behoort, heeft mooie verbindingen. Van EdloweeZ met de veerboot naar Viswiek, en met de auto naar de provinciehoofdstad Hiejetad, of naar Algroter. Algroter heeft al bijna twee ton inwoners, Hiejetad heeft nog geen uitgebreid Vliegtuigveld en EdloweeZ heeft ruim 21 mille inwoners. Tussen water, bossen en boerenbouwland ligt ons plaatsje; ’s winters meestal kouder dan ’s zomers, dat heeft met de seizoenen en het klimaat te maken.

EdloweeZheeft architectuur. Te noemen valt het Gemeenschapshuis aan de Inloophaven, een opvangwoning voor Ambtenaren en Bestuurlijke Vergaderingen en Gemeentebeleidsvorming. Het gebouw werd ooit in de breedte verdubbeld ten behoeve van de bloedsomloopstimulatie van de er werkende ambtelijke, beroepsmatige Computerschermbekijkers. Leven is bewegen en dat laatste maakt het gebouw in brede zin mogelijk voor de Ambtsdragers. Te noemen valt ook de ex-bibliotheek van beton, glas en kartonkleur, waarvan de toekomstige bestemming nog niet bekend is.

EdloweeZheeft ook nering. De dorpsmiddenstanders, verenigd in Vereniging de ShopHarbour, zitten in het dorpshart. Een shop-passage, Het Ravijn, staat ter belemmering van het uitzicht vanuit het Gemeenschapshuis, richting centrum. De middenstand zet de tering naar de nering, maar dat moet natuurlijk andersom. Het gaat niet 100% met de situatie van inkomsten en uitgaven, kortweg de economie. Dat merken de neringdoende, de ambtenaar, de burger en de boer. Toch blijkt over een aantal weken weer dat aankooprecords gebroken worden bij de Sint- en Kerstboodschappen. Dat dan weer wel. We sparen er wrschnlk voor. In het Buitengebied handelen boeren met Windmolens, de oogst waait binnen. Tussen buiten- en binnen-gebied  liggen de talloze bedrijven van heel groot tot klein. Al met al een nijver dorp met veel in- en uitgaand school~ werk~ woonverkeer.

EdloweeZheeft inwoners. Nog niet lang, het dorpje werd in 1984 opgericht na een jaar of vijf pré-pionieren. Ouderen, jongeren, langer wonenden met steevast een telefoonnummer dat begint met 522, korter wonenden die een thuis zoeken in de EdloweeZer sociale, economische, culturele en sportieve gemeenschap, waar veel kan en nog niet alles gebeurt … Maar aan wat nog niet is wordt gewerkt, of althans gedacht en zéker over gesproken.

wim Sprick.

--------------------------------------------

De Stem.                                                                                                                             911                               

(kek, pront, astrant, frêle: de levenslichaamswelzijnstrainster)                                                                                                                                              

Haar beschrijven is haar horen. De Stem gaat de blik op haar vooruit. Al jaren is ze te horen in het centrum van het dorpje tot op zo’n honderd meter van het Actiefcentrum waar ze als leven-en-welzijn-trainster resideert met een klein microfoontje voor haar mond. Terwijl in het centrum Sint- of Kerstwinkelopenstellingen, een Paasactie, de Weekmarkt, een Supermarkt, een Speciaalzaak, een Zomerbraderie of een Kalverkeuring bezocht worden is er altijd dat penetrante microfoongeluid vanuit het Actiefcentrum. Laag, donker, scherp articulerend. Het hele jaar door. Door geopende ramen bij zomerse hitte en dwars door gesloten ramen bij winterse koude. DeStem telt 1-2-3-4 en ook omgekeerd 4-3-2-1, staccato in een ritme dat door muziek aangegeven wordt. De Stem stimuleert, spoort aan, houdt bij de les, wijst aan, prijst, bekritiseert mild en begroet bij binnenkomst en groet bij weggaan de fitheid zoekenden met sportieve hartelijkheid. Tot zover van horen, of je nu wilt of niet. Deze Stem brengt het winkelcentrum The Shopharbour op een ritmische kadans in balans.

Gisteren een uur een leven- en welzijntraining, gegeven door de Stem, ondergaan. Als lid van een groep post-Olympisch getalenteerden, die elkaar in wisselende samenstelling een à twee keer per week zien ter training. Wat de groep bindt is leeftijd. En die leeftijd gaat gepaard met zakkende lichaamsonderdelen, een groeiende wanverhouding in het evenwicht vet- spiermassa, lichaamscontouren die strakke lijnen hebben ingeruild voor lubberrige, gezellig-koffie-met-koek-wijn-bier-met-snack~lijnen. De onbedekte delen armen, benen en hoofd zijn gegroefd, gekerfd, gerimpeld en worden tijdens de training tot leven gebracht, evenals de bedekte delen. Als groep herontdekken we collectief spieren en pezen waarvan het bestaan door ons latent wordt ervaren. Vooral de dag na de training worden de posities van bewegingsverwaarloosde lichaamsdelen haarscherp gevoeld. Het verschijnsel is in de volksmond bekend onder de naam spierpijn.

Gisteren dus kennis gemaakt met deStem en haar fysiek voorkomen. Een ferme handdruk, een hartelijke ontvangst. Met de Stem is iets loos: haar gezicht is de barometer voor haar leeftijd; haar lichaam geeft slechts jeugd weer, voor zover zonder het optische hulpmiddel de bril waarneembaar. De training verloopt gesmeerd, geordend en efficiënt. Nadien is het goed koffiedrinken. Morgen weer naar de Stem en luisteren naar wat eigenlijk binnensmuurs bedoeld was en ik jarenlang buitensmuurs hoorde. Fitheidsoefeningen ondergaan ter meerdere glorie van lichaam, geest(?!) en welzijn. De Stem heeft er zin aan. …  En wij doen mee.

   wim Sprick.

--------------------------------------------

Politiek hintje.

Toen ik mijn toenmalige vriendin en tevens huidige echtgenote zo’n 35 jaar geleden vroeg een dubbelloops jachtgeweer te kopen en daarmede gericht op mij te gaan schieten, mocht ik het ooit in mijn bolle harses halen in de politiek te gaan, zei zij:”Dat is goed!” Bij leven en welzijn kan ik meedelen dat we nu al ruim een kwart eeuw getrouwd zijn.

Toen ik op een zomerdag jongstleden des namiddags de met prachtige wandtapijten versierde airconditiongekoelde Gemeenteraadszaal van Zeewolde betrad, teneinde deel uit te maken van een groep mensen die zich ging bezighouden met wat en wanneer er iets in Zeewolde gaat gebeuren, wist ik mijzelve in het Hoogste Politiek Bestuurlijke Zaaltje van ons dorp. Hier had Harm geharmonieerd, Geke gek gedaan met wandtapijten, Tom gepreveld en zit Gorter in afwachting van.……..

Toen ik mij na een uur vergaderen blaastechnisch moest ledigen in de niet gekoelde w.c. in het architectonisch schitterende Gemeentehuis met de uitstraling van een Oosteuropees slachthuis in de jaren zestig van de vorige eeuw, op de wandtapijten na, bedacht ik dat de vergadering nu wel mocht eindigen, omdat wat gezegd moest worden reeds gezegd was en de resttijd dus herhaling van zetten zou zijn. Na terugkomst in de Zaal met z’n mooie blauwe stoelen, waarvan de rugleuning niet vastgezet kan worden, zodat ook mensen zonder ruggegraat zich hier flexibel kunnen profileren, duurde de vergadering nog anderhalf uur. Dit is te lang voor iemand met een aangeboren vergaderallergie!  Het lag niet aan de meeste aanwezigen: noeste vrijwilligers en kanszoekende ondernemers en en een enkele geduldzoekende ambtenaar. Néé, het lag aan een door de wol, de zijde, het katoen en het pluche doorgeverfde en -gewinterde politicus, die in staat was de tijd rondom de momenten dat hij aan het woord was te vullen met ongevraagd onderbreken, aanvullen, invullen en herhalen. Zijn verbale inspanningen kostten kostbare tijd en leverden irritatie op.

Toen ik tijdens mijn Groninger studententijd in het bestuur zat van een stichting die 20 activiteiten per week organiseerde voor 500 verstandelijk gehandicapten uit provincie en stad, bijgestaan door 350 vrijwilligers, vergaderden wij met de, wat ik nu maar de Groninger Methode noem:

 

· Aan het begin van de vergadering wordt de eindtijd vastgesteld.

· Begint de vergadering te laat, dan gaat dit van de eindtijd af.

· De voorzitter (m/v) leidt de vergadering, de notulant (m/v) kan op elk gewenst moment de voorzitter adviseren over de inhoudelijke doelmatigheid van de inbreng der aanwezigen ter vergadering.

· Aan het eind van de vergadering wordt de volgende vastgesteld.

· De tijd na het vallen van de hamer op de vergadertafel wordt naar behoeven gevuld met Berenburg, Fris, Oude Kaas en Metworst en het naar ieders persoonlijke wens en inzicht vrijelijk ventileren van eventuele verbale diarree die er nog even uit moest en doelmatigheid gemist zou hebben tijdens de vergadering.

· Vrijwilligers staan in aanzien en respect boven (betaalde politieke) bestuurders.

Toen ik hieraan dacht tijdens mijn verblijf in de Gemeenteraadszaal met de schitterende wandtapijten, besefte ik dat de uiting van vrijheidsmening een groot goed is. Bij deze.

 

Wim Sprick

 

 

--------------------------------------------

Wegbrengen en ophalen. 811

De eerste Schooldag is twee weken voorbij. De vakantie is overgewaaid zoals een bui overwaait. Moeders, vaders en kinderen zijn opgelucht. Althans zij die dat niet verbergen. Vanaf deze dag begint er weer een normaal ritme, waarbij de overdagindeling voor thuis grotendeels door school wordt bepaald. Kwart voor negen tot kwart over twaalf, kwart over een tot kwart over drie. ‘Zes weken is lang,’ verzucht een moeder. De vakantievoorbereidingen voor de camping waren vermoeiend, de na bereidingen ook.

Het schoollokaal ruikt binnen een week weer naar gum, gym, plakkaatverf, natte jassen, een vleug van deo en gel en een spoor parfum her en der. De directrice draagt een betonnen spoor van penetrante parfum achter zich aan terwijl ze de gang doorloopt. Na de afgelopen twee weken zit het schooljaar weer in de geordende routine. Elke dag heeft zijn eigen ritme met als vaste weekdoorbreking: de woensdagmiddag vrij. Elk seizoen heeft z’n eigen bijzondere dagen, feesten en vakanties: om de 4 à 6 weken is er vrij.

En twee of drie keer per jaar een rapport, waarover ouders; Gewone-, Lees-, Knutsel-, en Scholtuinouders met de onderwijzers kunnen spreken op een avond in de herfst, in het voorjaar en vlak voor de Zomervakantie. Aan het eind van het schooljaar is er een avond met een barbecue met vrolijke muziek voor alle vrijwilligers. Het liefst in de vroegzomeravondzon.

Elke schooldag spelen de leerlingen rondom school. Op toerbeurt hebben de onderwijzers surveillance tijdens de pauze. De één gebruikt de pauze om met een collega surveillant te praten; de andere onderwijzer richt zich op de kinderen. De kinderen zijn er van hun vierde tot hun twaalfde. Als ze er op terugkijken, later als ze groot zijn, is dit best een lange tijd van hun leven. Leren lezen, schrijven, rekenen, omgaan met anderen, spelen, sporten, presteren, praten in het openbaar, zingen … net niet teveel om op te noemen. En dan steeds een schooljaar lang in hetzelfde schoollokaal met dezelfde leerkracht. Een jaar lang door seizoenen heen: herfstbuien en stormen, sneeuwval, voorjaarszon, de warmte van de opkomende zomer.

Nog niets hoeft vast te staan, al lijkt dat voor veel ouders wel zo. Je hebt de voortdurend gestreste ouder, de overdreven meelevende, de nonchalant-onverschillige, de lieve betrokkene en de alles-wat-er-fout-kan-gaan-gaat-híer-fout-ouder.

Kijk op het schoolplein en zie de moeders en vaders staan. Staan ze alleen of in kwebbelende groepjes van dagelijks dezelfde samenstelling? Stralen ze een houding uit van: ik doe dit een keer maar hoor eigenlijk op mijn belangrijke job op dit moment. En dan met zo’n air van: ik wacht hier nu al drie minuten en dat is zes minuten te lang.

Óf een vrolijke lach bij het weerzien met het kind en een korte omhelzing.

Leer de ouders kennen en ken het kind …

 

Het meisje, dat dartel het jonge hondje begroet en hem al alleen mag uitlaten, groet bekenden vrolijk vriendelijk en zit goed in d’r vel, zij redt het wel. Nu en straks.

 

wim Sprick.

 

--------------------------------------------

 

KarelJon. (Haven Concert: aanstaande zaterdag 27-8-2011, aanvang: 21.00 uur)811

In het emotionele middelpunt van het dorp staat een toren als middelpunt van een kerk en in het middelhoogste punt van de toren bevindt zich een aantal klokken van groot tot klein , die tezamen het Carillon heten. Dit muziekinstrument wordt 97,8 % van de 24 uurs dag bespeeld door een computer, een door de Beiaardier Boudewijn ingespeeld programma dat dagelijks riedeltjes, wijsjes, melodietjes en symfonieën aan de lucht rondom de kerk en ver daarbuiten toevertrouwt. Eén keer per week, op vrijdagnamiddag komt de Beiaardier lijfelijk de stokken van het Carillon beroeren. Daarnaast houden de klokken per heel en half uur de tijd bij. Aan de voortschrijdende tijd ontkomt ook ons dorp niet. Zo blijft ook EdloweeZ niet altijd nieuw of jong. Dat komt door de tijd die kloksgewijs door het Carillon bijgehouden wordt.

Door het “Enter him en enter her Adviesbureau”

Boontjes, Dopjes, Loontjesen Loontjes’ is een onderzoek gehouden onder de bevolking over de bekendheid van het Carillon in de gemeenschap.

Uit het onderzoek blijkt het volgende:

  1. 22,7 % van de bevolking weet niet van het bestaan van een Carillon

  2. Van dit percentage zijn 4,3 % slechthorend en 0,4 % verstandelijk beperkt en een niet te noemen percentage beide.

  3. 88,95 % weet niet dat het KarelJonníetbij een bepaalde geloofsgemeenschap behoort, maar van de Gemeente is en gerund wordt door een kleine club, de “Vrienden van het Carillon” .

  4. 73,98 % weet niet dat men Vriend van het Carillon kan worden voor een tientje per jaar en dat men dan een uitnodiging krijgt voor concerten, het jaarlijkse uitje en de Algemene Leden Vergadering.

  5. Een nu nog nader te houden onderzoek door een bevriend adviesbureau van “Boontjes c.s.”, het alom bekende Adviesbureau “Gudde, Prudde, Knudde en Knudde”zal uitwijzen dat inwoners van het dorp die Vriend zijn gratis toegang hebben tot alle concerten, evenals alle inwoners die géén Vriend zijn.

  6. Tot slot: 13,3 % vindt dat van half december tot eindejaar elk half uur “OhDennenboom!”aanhoren wat veel van het goede is.

Punt 5 mag ruimdenkend en on-Nederlands worden genoemd!!

De niet geanonimiseerde onderzoeksresultaten liggen tijdens de werkonderbrekingen van het Ambtenarencorps ter inzage ten Gemeentehuize.

Zo, dit was informatief-positief nieuws.

 

wim Sprick.

 

--------------------------------------------

 

Bleker, blozender kan niet.                                                       811

(Als Henk Bleker na een lang en werkzaam bestuurlijk leven gevraagd wordt:”En hoe wilt u de euthanasie?” zal Henk wrschnlk nasaal lispelen: “Doemanierietueel!”)

Henk Bleker, de interim voorzitter van het CDA tijdens de laatste formatie, die nadrukkelijk geen post in het kabinet ambieerde tot hij gevraagd werd. Henk, met z’n ronde melodrama oogjes, die de vragensteller altijd schuin van onderen een beetje ondeugend aankijken. En na de vraag altijd ‘eem wacht’n’ … en dan een kort antwoord ‘op zien Grönn’ns’: bondig punt. Onderkint, onderwald en ondermaats en dan met die bolle wangetjes heeft Henk iets koddigs. Henk heeft stiekem altijd plezier in z’n politieke werk. Henk heeft altijd plezier, maar laat dat op z’n Gronings slechts zelden merken. Heimelijk is de leut er altijd en dat blijft ook altijd. Dat ligt ook aan zijn geboortegrond, de klei. Klei plakt, zand stuift. Die klei is de meest hardplaknekkige grondsoort. Nat onder de schoen is het niet weg te krijgen.  Henk raak je ook niet kwijt. Zelfs de ponnies in de wei denken weleens ‘Ga nou niet steeds aan onze achterkant blijven plakken, ga naar je keuken ‘kovvie mit kouk’ nuttigen en vergaloppeer je niet aan ons!’

Henk is een wonder: in één week kan hij de Belgen lang vastgestelde afspraken ontfutselen en een polder droog- dan wel natleggen en hij kan de Russen met één bezoekje weer aan de Hollandse komkommer helpen, die er even geweerd werd door het overdreven Duitse Reinheitsgebot ’s Neêrlands smakelijkste groenvrucht betreffend.

Waar Leers, van Bulgaarbuitenhuisjes, huilerig en meelijwekkend overkomt en Verhagen onoprecht met z’n 34, nee nu 35-jarig lidmaatschap van De Partij, schrei, schrei; is Henk stevig, compact en duidelijk in al zijn poen en praten, doen en laten. Henk straalt uit dat hij niet volmaakt is en dat is ook zo. Een uitspraak zoals:

”Jemotdeponnienietindemondkiekena’sjezelfoetdebekstinkt!

 en dan los bolwangig gearticuleerd met de hem kenmerkende seminonchalante oogopslag, is schitterend en siert hem.

Als Amerika, Rusland en China met elkaar in oorlog geraken sturen we Hillen’s Strijdkrachten er niet heen. Nee, we sturen Henk met een helikopter en een piloot. Henk komt, overziet (knipoogt desnoods even naar Michèle van Barack) en zwijgt een kort moment. Dan zegt hij:

“Nait soezen, mor doun! - Kop d’r veur! - Ander lu bin ôk lu!! - ’t Komp wal goud!!”

Ook Medvedev en Poetin verstaan dit. En er is geen vuiltje meer aan de lucht. De vlam is uit de pan. De soep wordt zo warm gegeten als ‘ie gegeten moet worden.

En Henk, voldaan en met blozende wangen een boterham met beenham etend,  zegt onderweg terug tegen de piloot:

“Néé, níet naar Den Haag, naar Eelde, danbenknogoptiedbiedeponnies! … EnnietanHillenzeggenda’wd’rweerbintmetdeHeli … loathemmareendagjezweten!!”

 

wim Sprick.

 

--------------------------------------------

 

Joost mag het weten.

Een Ans-gedicht. (By name van den Vondel.)                    811    

      

Mijne pisse, der lendenen ontvloden

treft met een sterke straal violen

sowel de levende als de dode.

In een bedje zyn sie neêrgevleid

door skriever tuinman Siebelink skoon bereid.

Als waere hy de Schepper die sich ten stiekemste vermeid.

Hy en is veel lezers waard

door syne letterconsten.

By ’t lesen kreeg ick sick en baard

ende oogbrauwen die fronsten

van soveel gekrakeel.

Over Vader met sien gelovig fanatisme

bekeert het my vanzelve

tot een ledig atheïsme.

En Siebelink boert er weelderig by.

Sinds ’t verschijnen van sien Letterbry

heeft hy geen dag meer degelijk vry

zich te wijden aan de Skrievery.

Jan voert het woord in voordrachten

van Opdam tot Den Briel.

Hij is in gelde zeer bij machten.

Allengs verteert zijn Skrieverziel.

In dure Italiaanse pakken en karossen met koetsier

doet Jan Pee Er met veel plezier.

En geeft de burger met wat hij geschreven heeft

een avond lang verpoos~vertier.                                                      

Wim.

 

--------------------------------------------

 

Ans en al m’n ex-genoten.(Ans*).                                                        711                       

Toen mijn vorige echtgenotes, met wie ik op één na, tot mijn verbazing, en dat was wederzijds, na elke scheiding weer getrouwd was, voor de zoveelste keer voor het eerst vreemdgingen wist ik het wel maar had zgn. niets in de gaten en wist ik van niets en hadden ze me er van tevoren onaangekondigd niets over verteld met blikken en zonder blozen. Erger nog: zonder blikken en met blozen!

Als toentertijd toekomstig ex-echtgenotes waren ze, door het strijken der tijd (zijdedagen: stand 1, katoenweken: stand 2 en linnenjaren: stand 3) verworden van een divan tot een ‘kannepeetje’. Onze los-vaste klusjesman Deef had de ‘kanne’s’ gedemonteerd en ik had de pé, dat toen nog een peetje was, (er)in.

Het overspel an sich stoorde me niet. Het waren de excuses, de uitspraken die er mee gepaard gingen:

- “Je zou toch juist láter thuis komen?”

- “Ging het overleg van het Managementteam niet door, dat is toch altíjd maandag?”

- “Ik wou m’n interesses eens wat breder spreiden in persoonlijke zin en dat kost tijd.”

- “Ik ben zo kwaad op je, dat je de sleutels van je werk weer vergeten bent!!”

- “Moet je binnenkort nog een weekend voor zaken weg?”

- “Is die cursus Mannen in de Over- en in de Ondergang niet op een vaste avond in de week?”

- “… nee, maar mijn fysieke training Pielanus heeft gevarieerde tijden, de ene keer op woensdagmiddag, de andere keer op vrijdagmorgen en het kan ook op zondagnacht zijn. Dat is om het lichaam op verschillende momenten in de week te oefenen, dat is beter …”

- “Jij gunt me dat verzetje met Joost toch wel, we delen dezelfde interesse voor Non-figuratief Abstract en het is tenslotte jóuw beste vriend!!”

- “Oh díe mail, ja nee, dat is voor de KGS-cursus (Kleur, Geur en Sleur). We moeten onze gevoelens voor een fictief persoon op papier zetten, … vandaar. Trouwens, ik heb een andere deo voor je gekocht; één die beter past bij mijn huidige persoonlijke ontwikkeling en smaak, … ja, die waarvan je vorige week zei dat ík er naar rook, ja die … ” 

Et cetera.

Al mijn exen hadden een voorkeur voor grote steden om te wonen. Gezien het geringe of afwezige sociale toezicht van buren en anderen de ideale plek om ‘het Spel Over’ te spelen. Behalve mijn momentele relatie heb ik alle huwelijken in goede harmonie afgerond. Mijnerzijds dan. Omdat ik monogaam ben werd ik door exen gedwongen om elke keer opnieuw monogaam te zijn. Hun overspel versus mijn trouw, hun afwisselingbehoefte versus mijn gewoontevastheid. Hun huwelijksbreuk versus mijn gedwongen monogamievariatie. Veel went. Afwisseling uiteindelijk ook.

wim Sprick.

 

--------------------------------------------

 

* Definitie Ans: Aaperte Non Sens.                                                                 711

 

Een Ans is een schrijfselstuk dat quatsch zonder enig doel dan het lezen ervan bevat en dat meestentijds geschreven wordt in een situatiestemming, waarbij het huis, de vaat, de auto en de tuin al vier keer aan kant zijn, het boodschappenbriefje al voor de derde keer in vroeg Neogotisch handschrift gekalligrafeerd en door een spatiefout voortijdig verscheurd is en de hond al voor de tweede keer loops is en zij op de eerste keer terugkijkt als ‘lieps’. Zo doende dus. Een Ans.

De Ans is geheel vrij wat betreft spelling, woordgebruik, grammatica en andere taalregels. Al het vastgelegde kan losgemaakt worden en andersom. Alles is toegestaan. Het is qua vorm en inhoud een absolute en onvoorwaardelijke vrijheid van schrijfuiting, op voorwaarde dat het gebodene (voor) te lezen is. Om aan die voorwaarde te voldoen zullen er dus uit de 26 letters van het alfabet steeds selecties gemaakt worden die tot woorden worden geschikt. Die woorden kunnen dan weer in een groter geheel in zinnen gerangschikt worden.

Naast bovenstaande eenduidige verklaring van de afkorting Ans bestaat er ook een theorie die beweert dat Ans een levend persoon in Anloo (Drenthe) was, begin zeventiende eeuw. Een vrouw die zo ongelofelijk en onlogisch uit haar nek kon fantaseren dat haar naam een genreaanduiding zou zijn geworden. Op zich is dit al onzin. Natuurlijk zijn veel vrouwen in staat om uit hun bovenrug te declameren zonder enig inhoudelijk houvast, maar niet alle vrouwen heten Ans. Althans er zijn vrouwen die anders heten en toch ook veel praten.

Bovenstaandzelfde geldt mannen. Het schrijfselstuk heet dan een Hans (Heel Aaperte Non Sens). Hans was eind zestiende-eeuwer en was woonachtig in de moerassen rondom Zweeloo (Drenthe). Er wordt zelfs beweerd dat Hans en Ans één en dezelfde persoon zijn. Je hebt dan twee personen van A tot Z.

 Of het lezen van een Ans. o.g. Hans net zoveel plezier oplevert als het schrijven ervan is de vraag, maar het gezegde ‘de proef zit in het proberen van de pudding’ kan uitschot bieden. Wellicht ten overvloede: over het Geschrevene kan slechts zinloos gecorrespondeerd worden en het pseudoniem van de schrijver is misschien bij de redactie bekend.

wim Sprick.

 

--------------------------------------------

 

Das Dorf Am See: EdloweeZ.                                                                                                                                                           711

(een “Ans”*) 

Toen Ingenieur Hiejetad in al zijn vernuftigheid besloot dat wat nat was ook drooggelegd kon worden, kon hij niet bevroeden dat zijn idee ertoe zou leiden dat een compleet land uit het water zou verrijzen. Net echt: akkerland, bosgrond, stranden op de scheiding van nat en droog, steden en dorpen. Bij de laatste 2, de ons reeds lang bekende volgende: Algroter, Hiejetad (de provinciehoofdstad) en ons nog niet geheel volprezen EdloweeZ.

Het dorp aan het meer. Wie wil er niet wonen. Sinds 1984 Gemeente Edloweez. Daarvoor al in primitieve, bewolking, regen en storm en mist en mooi weer trotserende omstandigheden bewoond door de Havenmeester, de Sluiswachter en een Vrouw van Lichte Treden. Haar tred was, als ex-balletdanseres, zo soepel en licht dat zij op haar Spitzen lichtvoetig op nog natte plekken kon komen waar de Havenmeester en de Sluiswachter zwaar belieslaarsd slechts het fluiten naar hadden. Fluiten deden de Heren overigens ook naar de voornoemde Vrouw van Lichte Treden. En dat vonden zij gedrieëlijk niet erg. Eigenlijk floten ze vaak alle drie het Hoogste Lied.

Om korte metten te maken met een lang verhaal kan vermeld worden dat de geschiedsbeschrijving van EdloweeZ nauwgezet gearchiveerd,vastgelegd en bewaard wordt. Een geïmmigreerde Duitser (genaturaliseerd, gepasteuriseerd en gesteriliseerd) buigt zich dagelijks over het wel en wee van EdloweeZ en geeft geheel in eigen beheer een Kroniek van Het Dorp aan het Meer uit. Klein minpuntje: de ex-Duitser schrijft in het Duits onder de titel: “Edloweez, das Dorf am See. Eine Chronik”. Reeds verschenen zijn de delen: Teil Eins: 1984-1989; Teil Zwei:1990-1994; Teil Zwei A: 1984-1994 (n.a.v. het Tweede Lustrum); Teil Drei: 1995-2000; Teil Vier: 2001-2004; Teil Vier A: 1984-2004 (n.a.v. het Vierde Lustrum); Teil Fünf A und B: 2004-2009~1984-2009 (n.a.v. een kwart eeuw EdloweeZ). Nog in voorbereiding zijn de Teilen Sechs tot en met Sechsundzwanzig. Die delen omvatten een tijdspanne van een eeuw, dus over deel 26 hoeven en kunnen wij ons als huidige bewoners van EdloweeZ  nog niet druk  maken. Niet uit desinteresse, maar gewoon gegeven het feit dat de meesten van ons de publicatie van Teil Sechsundzwanzig niet meer mee zullen maken. Boze tongen beweren dat Edloweez tegen die tijd wel onder de vlag van Algroter zal schitteren; vrolijke tongen beweren het tegenovergestelde.

De nauwgezetheid waarmede Frau Prof. Dr. Hannelore Marschland, in prettige samenwerking met o.a. haar medewerkers Jay Free-Link, Joanitha Zwischenlager, Michel Coup Atout, Bernhard Jonathan Fishing-Rod en Enrico Borda Castelo (van origine  respectievelijk uit Duitsland,Amerika, Zwitserland, Frankrijk, Engeland en Portugal) haar werk verricht doet denken aan de ijver, daadkracht en het doorzettingsvermogen van wijlen chroniqueurs zoals daar zijn een Lou de Jong, een Johan Huizinga, een  Godfried Bomans en, nog bij leven en welzijn, de Mart Smeets.

Dit alles ondersteund door onze Edloweezer Middenstand, waarbij met plezier inkopen gedaan worden door alle Edloweezers die Ons Dorp een warm hart onder de riem toedragen dan wel steken. Zoals Hannelore laatst laat op een avond zei:

“Ich bin ein Edloweezer!!” Sinds 1988 sluit ik me daar van harte bij aan!

wim Sprick.

Zeewolde Actueel | Uw huis-aan-huis nieuwsblad met het laatste nieuws uit Zeewolde | Site ontwikkeling CARD Solutions CARD Solutions