
Waterschap maait in Flevoland met elektrische boten
· leestijd 1 minuut AlgemeenNOORDOOSTPOLDER - Waterschap Zuiderzeeland zet dit maaiseizoen een eerste stap richting elektrisch onderhoud van watergangen. Met twee elektrische maaiboten onderzoekt het waterschap in een deel van de Noordoostpolder of dit breed inzetbaar is.
De verkenningsfase loopt van nu tot eind 2026. De ervaringen die het waterschap opdoet, gebruikt het als basis voor verdere uitrol van elektrisch maaien in het hele beheergebied. Dat doet Zuiderzeeland samen met leveranciers en aannemers.
Stiller en schoner
Elektrische maaiboten passen in de ambitie van het waterschap om fossielvrij, energieneutraal en in 2050 klimaatneutraal te werken. Door diesel te vervangen door duurzaam opgewekte elektriciteit vermindert het waterschap de uitstoot van broeikasgassen. Een bijkomend voordeel: elektrische boten zijn veel stiller, wat beter is voor mens en dier in de omgeving.
Naast de elektrische boten bevat het onderhoudswerk ook andere duurzame maatregelen. Zo gebruikt het waterschap HVO100, een volledig hernieuwbare dieselbrandstof, als vervanging voor traditionele brandstoffen. Op kleine schaal zet het ook elektrisch gereedschap in.
Stap voor stap naar de toekomst
Teammanager Benjamin Wijma legt uit waarom het waterschap bewust voor een gefaseerde aanpak kiest. “Om onze doelen te bereiken, zul je in fases maatregelen moeten toepassen. Opdrachtgevers en opdrachtnemers kunnen hier dan aan wennen en op anticiperen. Dit kan voor onze partners bijvoorbeeld betekenen dat je in je investeringsplanning andere keuzes maakt. Denk aan de aankoop van materieel dat minder CO²-uitstoot.”
Wijma benadrukt dat de verkenning in de Noordoostpolder helpt om toekomstige doelen nu al concreet te maken. “Met de verkenning in de Noordoostpolder maken we de opgelegde doelen die soms ver in de toekomst liggen, heel concreet naar een uitvoeringskader. Hiermee voorkomen we dat we, op het moment dat we echt aan deze doelen moeten voldoen, ineens hele grote stappen moeten zetten.”
Maaiboten onderhouden sloten, vaarten en andere watergangen zodat water goed kan worden afgevoerd en wateroverlast wordt voorkomen. Na het maaien wordt het losgeknipt maaisel uit het water geschept en op de kant geplaatst. In stedelijke gebieden wordt het vervolgens afgevoerd naar bijvoorbeeld een composteerderij.

























