Bij de les

Bij de les
Belevenissen op het voortgezet onderwijs!

Opgeruimd staat netjes

Tuesday 23 October 2018

Ik heb pauzedienst. Niet echt mijn favoriete bezigheid. Honderden leerlingen bij elkaar in de aula. Ik ga op een tafel aan de kant zitten. Gewapend met mijn boterhammen en bak koffie zit ik hier het komende half uur.
Af en toe komt er een leerling een praatje maken. Verder kijk ik rond. Ik berisp een knul die zijn drinken over een meisje dreigt te gooien. En bekijk vol interesse wat leerlingen zoal in een pauze eten.
Dan valt mijn oog op een klein ventje aan de andere kant van de aula. Hij heeft een springtouw en daar slaat hij hard mee op een prullenbak. Een hoge metalen prullenbak, zo’n model olievat. Het klinkt hard. Boven alle herrie uit. Hij heeft wel bekijks. De meesten kijken geërgerd opzij. Hij blijft erop slaan. Wat een rotgeluid. Verschillende leerlingen uit de hogere klassen zeggen er iets van. Maar hij blijft doorgaan. Ik loop erheen. Op mijn vraag waarom hij dat doet, zegt hij: “dat vind ik leuk”. Ik zeg hem te stoppen en ik krijg een dankbare blik van een paar grote jongens die er vlak bij staan. “Aanpakken dat grut mevrouw!” grijnst er één.
Ik zit amper weer op mijn tafel of het ventje begint weer. Hij kijkt uitdagend mijn kant op en nog uitdagender naar de groep jongens. Hij heeft wel lef. Ik had dat stomme springtouw af moeten pakken.
Dan, in een paar seconden tijd zie ik de grootste van de groep bovenbouwers opstaan. Hij is het zat. Hij loopt op het ventje af. Tilt hem op, wikkelt in een oogwenk het springtouw om z’n middel waarbij zijn armen tegen z’n zij geplakt zijn. En dan... zet hij het ventje in de prullenbak. Tot aan zijn schouders staat hij erin. Een heel verbouwereerd gezicht komt boven de rand uit. En op dat moment gaat de bel. De aula stroomt leeg en de leerlingen die het hebben zien gebeuren lopen met een big smile langs de prullenbak, zo de aula uit. De groep grote jongens lopen langs mijn tafel en ik geef ze een knipoog.
Op mijn dooie gemakje loop ik naar de prullenbak. Het kleine ventje schreeuwt intussen als een mager speenvarken.
Ik til hem er weer uit. Hij weet niet hoe snel hij zijn tas van de grond moet pakken en sprint dan de aula uit naar zijn les. Het springtouw ligt nog op de grond. Ik denk dat zijn springtouw-tic nu wel over is.

 

 

Opgeruimd staat netjes    Opgeruimd staat netjes    Opgeruimd staat netjes