
Stichting Hospice Zeewolde biedt hulp bij terminale patiënten thuis
· leestijd 2 minuten Algemeen InstagramZEEWOLDE - Onder de naam Vrijwilligers Palliatieve Terminale Zorg (VPTZ) Zeewolde biedt Stichting Hospice Zeewolde vanaf begin 2026 hulp bij terminale patiënten thuis aan. Volgens voorzitter Ton Mesker en coördinator Mijke Caminada is zo’n voorziening niet alleen financieel haalbaar, maar zelfs laagdrempeliger dan een ‘echte’ hospice.
Cijfers
Aanvankelijk lag het plan op tafel om een traditionele hospice op te zetten. “We dachten: dat moet toch kunnen,” vertelt Mesker. “Maar pas laat in het proces doken we in de cijfers. In Zeewolde overleden vorig jaar 141 mensen. Landelijk overlijdt zo’n 9 procent in een hospice, wat bij ons neerkomt op dertien mensen per jaar. Zeewolde is nog te jong! Een hospice vraagt om een flink gebouw met bedden, badkamers, keuken, wasruimte – en hoge vaste lasten. De kosten zouden eenvoudigweg niet uitkunnen. Toen zagen we dat inzet bij mensen thuis niet alleen realistischer is, maar ook snel opgepakt kan worden.”
Praatje
Die keuze betekent niet dat het belang van hospices wordt onderschat. In de regio zijn al voorzieningen in onder meer Ermelo en Nijkerk. Voor Zeewolde biedt ondersteuning thuis juist een waardevolle aanvulling. Caminada benadrukt dat vrijwilligers in de thuissituatie laagdrempelig inzetbaar zijn. “Thuis is vaak rustiger en meer eigen. Sommige cliënten willen graag een praatje, andere juist niet. De vrijwilliger past zich daaraan aan. Tegelijkertijd krijgen mantelzorgers even lucht – ze kunnen een boodschap doen, een nacht doorslapen of gewoon weer even zoon of dochter zijn in plaats van verzorger.”
Persoonlijke wensen
De nieuwe dienst staat gepland voor het eerste kwartaal van 2026. De voorbereidingen vanuit het inloophuis aan Mazerhard 71 (hoek Westergo) zijn volop bezig: van het uitwerken van een helder aanmeldproces tot het zorgvuldig matchen van vrijwilligers en cliënten. Daarbij wordt rekening gehouden met praktische omstandigheden – rookt iemand, zijn er huisdieren – maar ook met persoonlijke wensen. Belangrijk is de samenwerking met wijkverpleging en huisartsen, zodat zij weten dat deze ondersteuning beschikbaar is. Vrijwilligers spelen hierin een centrale rol, maar hun taken zijn duidelijk afgebakend. Ze zijn er niet voor medische handelingen en hoeven geen huishouden te draaien. Het draait om aanwezigheid, waken en aandacht. “Een kopje thee zetten of even bij iemand zitten kan al van grote betekenis zijn,” zegt Mesker. “Het gaat niet om de dood zelf, maar om de kwaliteit van de laatste fase. Daardoor blijft die periode menselijk, voor de cliënt én voor de familie.”
Informatiebijeenkomst
Om vrijwilligers goed voor te bereiden, organiseert de stichting informatiebijeenkomsten. Op 12 november vindt er een eerste bijeenkomst plaats in de Oude Bieb. Begin 2026 volgt een opleiding van minimaal twee dagen, waarin thema’s aan bod komen als: wat kun je verwachten in de laatste levensfase, wat zijn je taken wel en niet, en hoe bewaak je je eigen grenzen? Caminada volgt zelf een opleiding stervensbegeleiding en neemt als coördinator de begeleiding van de vrijwilligers op zich.
Subsidie
De stichting kan inmiddels rekenen op een bestand van zo’n 55 geïnteresseerden, al zal het aantal afhangen van wie daadwerkelijk kiest voor inzet in de thuissituatie. Belangrijk is dat de dienstverlening kosteloos blijft. Omdat de overheid pas vanaf het derde jaar subsidie verstrekt, is de stichting afhankelijk van donaties en lokale acties. “We krijgen regelmatig cheques uit de gemeenschap, die helpen enorm,” vertelt Mesker. “Maar het belangrijkste is dat we een betrouwbare organisatie zijn. Huisartsen, wijkverpleging en families moeten erop kunnen vertrouwen dat we kwaliteit leveren.”

























