
“Kwetsbare inwoners verder in de knel door nieuwe afvalregels”
· leestijd 2 minuten AlgemeenZEEWOLDE - De geplande bezuinigingen van de gemeente Zeewolde raken niet alleen sportverenigingen, maar ook huishoudens die nét boven de voedselbanknorm zitten. Tijdens Zeewolde Kiest sprak Mannes Schoppink met Nick Lotte van Stichting De Ondersteuning over de impact van de aangekondigde veranderingen op deze kwetsbare groep inwoners. “Deze mensen hebben geen recht op de voedselbank of toeslagen, maar redden het financieel vaak nét niet,” aldus Lotte.
Wat is de ‘vergeten groep’?
Stichting De Ondersteuning helpt huishoudens met een inkomen tot 130 procent van het sociaal minimum, die buiten bestaande regelingen vallen. “Deze mensen werken, maar door stijgende kosten en het wegvallen van toeslagen komen ze in de problemen,” legde Lotte uit. “Vandaar dat we over de ‘vergeten groep’ spreken.” De stichting biedt ondersteuning via boodschappenkaarten, zodat gezinnen zelf hun eten kunnen kiezen in plaats van afhankelijk te zijn van voedselpakketten. “We zijn gestart met 42 gezinnen, maar dat aantal groeit. In de afgelopen twee maanden kwamen er al acht nieuwe aanvragen bij.” De kosten blijven stijgen. Door het schrappen van de energietoeslag missen gezinnen nu al € 1.300 per jaar. “Als de grens voor minimabeleid wordt verlaagd van 120 naar 110 procent van het minimuminkomen, valt een nog grotere groep buiten de boot,” waarschuwde Lotte in Zeewolde Kiest.
Nieuwe afvalregels raken kwetsbare gezinnen
Naast de bezuinigingen krijgen minima te maken met een nieuw systeem voor afvalstoffenheffing: Diftar. Dit gedifferentieerde tarief betekent dat huishoudens betalen per hoeveelheid restafval die ze aanbieden. “Voor grote gezinnen is dat een ramp,” zegt Lotte. Volgens zijn berekening zou een groot gezin met vijf kinderen nu wekelijks vijf tot zes zakken van zestig liter restafval produceren. Door de invoering van kleinere inwerpopeningen van dertig liter per zak, betekent dit dat hetzelfde afvalvolume wordt verdeeld over tien tot twaalf kleinere zakken per week. Met een geschat tarief van € 0,68 per dertigliterzak, zou de jaarlijkse afvalrekening voor deze gezinnen kunnen oplopen tot € 424 per jaar.
Minder restafval, lagere kosten?
De gemeente Zeewolde streeft ernaar om restafval per inwoner met 76 procent te verminderen, door betere afvalscheiding en het stimuleren van hergebruik. Als huishoudens deze doelstelling daadwerkelijk behalen, zouden de afvalkosten voor een groot gezin aanzienlijk lager uitvallen. Bij een vermindering van 76 procent zou hetzelfde gezin nog maar € 102,- per jaar betalen in plaats van € 424,-. Dit illustreert dat de financiële impact van Diftar grotendeels afhankelijk is van hoe goed inwoners in staat zijn hun restafval te beperken. Echter, Lotte zet vraagtekens bij de haalbaarheid voor grotere gezinnen: “Voor mensen met weinig tijd en middelen is afval scheiden niet altijd even makkelijk. Daarnaast zien we in andere gemeenten dat illegale afvaldumping en vervuiling van andere afvalstromen vaak toenemen bij dit soort systemen.”
“Diftar kan meer problemen veroorzaken dan het oplost”
Volgens Lotte zijn sommige gemeenten al gestopt met Diftar omdat de kosten voor handhaving en opruimen van verkeerd aangeboden afval hoger uitvielen dan de besparingen. “Als mensen het niet kunnen betalen, gaan ze restafval in de GFT- of PMD-bakken stoppen of zetten ze zakken naast de containers. Dat betekent uiteindelijk meer kosten voor de gemeente en de inwoners.” Lotte heeft hierover gesproken met wethouder Bron. “Het systeem is duur om op te tuigen en niet alle gevolgen zijn goed doordacht,” stelt hij. “Ik hoop dat er voortschrijdend inzicht komt bij de gemeente en de raadsfracties.”
Oproep: “Laten we in gesprek blijven”
Nick Lotte pleit ervoor om zowel bij de bezuinigingen als bij Diftar de gevolgen voor kwetsbare groepen serieus te nemen. “We willen niet achteraf repareren wat we nu verkeerd doen. Het is beter om vooraf alternatieven te zoeken en tot een oplossing te komen die eerlijker is voor iedereen.” De stichting blijft hierover in gesprek met de gemeente en roept inwoners die in de knel komen op om zich te melden. “Samen kunnen we kijken wat mogelijk is. We laten niemand vallen,” besluit Lotte.


























