
Jeroen en Daan raken niet uitgepraat over hun lange wereldreis
· leestijd 2 minuten Algemeen InstagramZEEWOLDE - Na 3,5 jaar varen op de wereldzeeën kwamen Jeroen Ruitenschild (net 35) en zijn maat Daan Lamers (24) zaterdagmiddag 25 oktober weer terug in Zeewolde. Tientallen familieleden, vrienden en bekenden stonden hen in de Aanloophaven op te wachten. “Iedereen wilde tegelijk praten of knuffelen”, lacht Daan. “Wat een overgang”, knikt Jeroen. “Al die tijd op een klein bootje met z’n tweeën, en dan ineens vuurwerk, fakkels en een fanfare.”
Duidelijk plan
Jeroen had vooraf al flink wat zeemijlen op zijn naam. “Ik heb de Zeevaartschool op Terschelling gedaan en heb daarna tien jaar op de grote vaart gezeten, vooral op chemicaliëntankers.” Daan daarentegen begon met een blanco blad. “Ik had één keer een uurtje op een randmeer gezeild. Eigenlijk nul ervaring. Ik vertrouwde Jeroen volledig. Hij moest het mij leren.” Het sinds 2018 bevriende duo vertrok op 17 juli 2022 vanuit de Aanloophaven met een duidelijk plan. “We hadden natuurlijk een schema gemaakt”, zegt Daan. “We wilden de orkaanseizoenen mijden en wisten ook waar we mochten varen van de verzekering.”
Eten
De boot was Jeroens huis sinds 2015. “We hadden één afspraak”, vertelt hij. “Ik geef niet zoveel om eten. Dus Daan, jij zorgt daarvoor!” Daan lacht: “We hadden altijd drie tot vier maanden eten aan boord. Blikken groenten, rijst, pasta, sauzen — we zouden in elk geval niet verhongeren.” De langste oversteek, van Indonesië naar Zuid-Afrika, duurde 37 dagen. Daan leefde zich uit. “We aten toen zelfs verse groente. Slechts één keer uit blik. En de zonnepanelen zorgden voor elektriciteit.”
Het ritme op zee was streng. Jeroen is daar duidelijk in. “Altijd iemand wakker. Drie uur op, drie uur af. Lang genoeg om even te slapen, kort genoeg om wakker te blijven.” Daan glimlacht: “We hebben één keer echt ruzie gehad, maar dat had ook te maken met alcohol en moeheid. De volgende dag was het alweer over. En eindeloze discussies natuurlijk. Zonder internet kun je niks opzoeken, dus je blijft maar praten.”
Oversteek
De reis van de vrienden voerde via België, Frankrijk, Engeland en de Azoren naar de Canarische en Kaapverdische eilanden. “Daarna staken we de Atlantische Oceaan over”, tekent Daan uit. “We voeren richting Caribisch gebied en waren toen een paar maanden op Curaçao.” “Daar waren mijn ouders”, vult Jeroen aan. “En vrienden. Ondertussen haalden we de boot uit het water voor onderhoud. Wat roer- en motorproblemen, maar ik kon veel zelf repareren. En ook nog gescheurde zeilen naaien.”
Vanaf Panama ging het naar Paaseiland en Pitcairn via Polynesië en Tahiti naar Fiji en Australië. Daar ging Daan een stuk backpacken. “Jeroen voer met zijn tante naar Darwin. Daarna waren weer samen en gingen richting Indonesië en vervolgens Zuid-Afrika. Kaap de Goede Hoop was heftig — een van de gevaarlijkste vaarwateren ter wereld.” Na een tussenstop op Sint-Helena en een orkaan bij de Azoren zetten de boys koers naar Engeland. Nieuwe hommeles met de motor zorgde voor twijfel of zij wel op tijd terug zouden zijn in Nederland. “Maar Jeroen fikste het, natuurlijk”, is Daan trots op zijn maat.
Gedachten thuis
Daan herinnert zich zijn eerste nacht op zee nog goed. “Ik had 0,0 ervaring. Overal geluiden, Jeroen lag te slapen. Ik dacht: de boot is het enige wat ons in leven houdt. We zijn niks! Dat maakte indruk. De tweede nacht was het al beter.” Niet alles was avontuur voor de Edenaar. “In Panama kreeg ik een virusje. En op Curaçao hoorde ik dat mijn opa was overleden. Toen ben ik even heen en weer gevlogen. Later overleed ook mijn oma, maar het lukte mij niet bij haar afscheid te zijn. Dat vond ik wel zwaar. Het was geen heimwee, maar m’n gedachten waren toen wel bij thuis.”
Terug in Nederland
De heren zijn blij terug in Nederland te zijn. Al had Daan nog wel langer weg willen blijven. “Maar ja, het geld was op… Het leven was fantastisch. Met mijn CIOS op zak ga ik nu waarschijnlijk de ALO doen.” Jeroen gaat weer varen. “Dat is mijn hobby én mijn beroep. Eerst even bijkomen.” Toch is de avonturenhonger van het tweetal nog niet gestild. Jeroen: “We hebben een maat beloofd nog een keer met de motor naar de Noordkaap te gaan.” Daan houdt een slag om de arm. “We moeten eerst ons rijbewijs nog halen, haha! En we willen ook nog op wintersport…”































