
Friso van Vliet timmert aan de weg: “Ik denk dat ik op de goede weg ben”
· leestijd 2 minuten SportHEERENVEEN/ZEEWOLDE - De 17-jarige Friso van Vliet uit Zeewolde geldt als een van de veelbelovende namen in het Nederlandse schaatsen. Hoewel hij momenteel in Heerenveen woont, is hij nog regelmatig bij zijn ouders in Zeewolde te vinden. Daar begon zijn sportieve reis, die hem inmiddels bij het (top)team AH Zaanlander van coach Jillert Anema heeft gebracht.
School
Friso combineert zijn schaatsavontuur op dit moment nog met school. Hij zit in de afrondende fase van de havo. “Het examen is verspreid over twee jaar, ik hoef dit jaar nog maar twee vakken te halen”, vertelt hij daarover. De keuze voor Heerenveen bleek praktisch: het ligt op steenworp afstand van ijsstadion Thialf. Na zijn diploma overweegt hij een tussenjaar, waarna hij uiteindelijk het akkerbouwbedrijf van zijn ouders aan de Winkelweg wil overnemen.
Zijn sportieve basis ligt in Zeewolde. Friso begon op basisschool De Richtingwijzer en deed vervolgens de eerste drie jaar van het middelbaar onderwijs op RSG Levant. Het schaatsen kreeg hij van huis uit mee. Zijn ouders, Tonny en Miranda, schaatsten beiden op hoog niveau. Ook Friso’s drie jaar oudere zus Rosalie ging schaatsen. Toch begon de jongste Van Vliet niet direct op het ijs. “Ik heb eerst nog gevoetbald bij VV Zeewolde, maar uiteindelijk koos ik bewust voor het schaatsen. Dat vond ik leuker en ik kreeg er steeds meer plezier in.”
Stayer
Dat plezier vertaalde zich dit seizoen in prestaties. Friso kijkt terug op een sterk seizoen, waarin hij al zijn persoonlijke records aanscherpte. Zijn titel op de marathon bij het NK neo-senioren springt eruit. “Dat vond ik de mooiste prijs, zeker omdat ik pas 17 ben.” Z’n p.r. op de 5 km (6.37,70) mag eveneens worden genoemd. “Ja, daar ben ik zeker tevreden over. Mijn voorkeur ligt ook duidelijk bij de langere afstanden, ik ben meer stayer dan sprinter. Daar train ik ook voor. In veel weken kom ik boven de twintig uur.”
Inspiratie haalt Friso uit meerdere schaatsers, maar één naam noemt hij specifiek: Jorrit Bergsma. Vooral diens prestaties op de Olympische Spelen in Milaan maakten indruk. “Op zijn leeftijd nog zo presteren en dan brons halen op de 10 km, dat vond ik echt knap. Hij reed gewoon zijn eigen race.” De droom om zelf ooit op zo’n Olympisch podium te staan, leeft dan ook. “Dat zou ik ook wel willen. Ik hoop dat het ooit eens gebeurt.”
Dit seizoen leerde Friso vooral mentaal veel. De focus lag daarbij voor hem op rust bewaren, bij zichzelf blijven en opgedragen taken uitvoeren. Wat niet betekent dat alles altijd soepel verloopt. “Ik kom de man met de hamer ook weleens tegen, haha! Dan ga je helemaal stuk en moet je zien te overleven. Achteraf kijken we altijd wat beter kon. Weer een leermoment, denk ik dan.”
Overstap
Zijn ontwikkeling blijft niet onopgemerkt. Na zijn periode bij het KNSB Talententeam maakt Friso de overstap naar de ploeg van Jillert Anema. Daar komt hij terecht tussen gevestigde namen, onder wie Bergsma zelf, maar ook Marijke Groenewoud en Merel Conijn. “Ik zie het als een mooie stap”, zegt hij nuchter.
De zomer staat in het teken van voorbereiding, met veel fietsen en skeeleren. In juli en augustus wacht al het zomerijs, waarna in september het nieuwe seizoen begint. Friso hoopt dan nieuwe stappen te zetten. “Hoe ver ik kom? Dat durf ik niet te zeggen, maar ik denk dat ik op de goede weg ben.”
































