Afbeelding
logo Brug Media

Jammer van die Fransen

· leestijd 1 minuut Bij de les

Ze staan voor me bij de bakker. Een Nederlands echtpaar, jaar of 35, in de plaatselijke Boulangerie. We zijn op vakantie in de Franse Alpen. Het dorpje bestaat uit 1 bakker, een kerk en een jeu-de-boule-club. Zo’n bergdorp waar de tijd stil heeft gestaan.

De Nederlandse man doet het woord en wil een stokbrood. “Bread”, zegt hij kortaf. De gemoedelijke grijze dame met ouderwets blauw-wit- gestreepte schort kijkt de man vriendelijk, mast vragend aan. Hij zegt het iets harder: “One bread. One stokbread.”

Z’n vrouw zegt, net luid genoeg zodat de andere Nederlanders in de rij het kunnen horen: “Stomme Fransen, ze spreken echt alleen hun eigen taal.”

Ik zou hen best even kunnen helpen, maar na die opmerking denk ik ‘zoek ‘t zelf maar uit met je stokbread’.

Als je op vakantie gaat, leer je toch een paar woordjes van dat land. Hoe moeilijk is het om ‘bonjour, merci, une baguette te deux croissants’ te leren.

En als je dat vriendelijk zegt, krijg je ook een vriendelijke Fransman terug.

Zeker nu de Olympische Spelen zijn, worden de vooroordelen over de Fransen weer rijkelijk rondgeslingerd. “Frankrijk is een prachtig land, alleen zouden er geen Fransen moeten wonen”, zei Natasja Froger op TV. Ze heeft vast nog nooit iets aardigs gezegd als ze te gast was in Frankrijk.

De man bij de bakker heeft inmiddels zijn telefoon op Google Translate gezet. De rij wordt langer en langer. “Man, wijs gewoon even aan wat je wil hebben”, roept een Nederlander verderop in de rij. Maar hij krijgt alleen een arrogante blik terug.

Over arrogante mensen gesproken: daar hebben Fransen een prachtige uitdrukking voor: ‘Péter plus haut que son cul‘ (ze laten scheten hoger dan waar hun kont zit). Ooit geleerd tijdens Frans op school. Tja, de meest domme zinnen onthoud je dan.

Omdat ‘t zo lang duurt flap ik m’n zin er toch uit: “Péter plus haut que son cul!”

Ze kijkt even naar de man en dan naar mij. En dan begint ze onbedaarlijk te lachen. Ze duwt de man twee stokbroden in zijn handen en zegt: “Une baguette”, en dan langzaam nog een keer: “Une baguette.”

Ze heeft de lachers op haar hand. Het stel loopt bijna met hun neus omhoog, de winkel uit.

Leuke mensen toch, die Fransen. 

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Abonneer gratis

op de digitale krant en op
de wekelijkse nieuwsbrief.