
Gemeenteraad en wethouder Suithoff kunnen weer samen verder
· leestijd 2 minuten AlgemeenZEEWOLDE – Door ziekte was wethouder Ewout Suithoff geruime tijd uit de running. Gedurende zijn afwezigheid werd in februari het BING-rapport besproken over het besluitvormingstraject rond de komst van het Zonnewoud in de kop van het Horsterwold. De raad wilde alleen over de Christen Unie-wethouder spreken met de betrokkene er zelf bij en dat kon voor het eerst maandagavond 28 juni tijdens een extra vergadering in The Lux.
‘Twee werelden’
De gemeenteraad wilde vooral van Suithoff weten waarom hij enerzijds allerlei dingen ‘niet wist’ en anderzijds zijn beleidsambtenaren blindelings geloofde als die aangaven hem dingen te hebben verteld. Ben Sonneveld (fractievoorzitter Leefbaar Zeewolde) sprak in dit verband van ‘twee werelden’. Yvonne van Bruggen (PvdA/GroenLinks) refereerde eraan dat het een landelijke trend wordt dat politici zich bepaalde zaken ‘niet meer kunnen herinneren’. Ruud Visser (BurgerBelang) haalde de beruchte Duitse uitspraak ‘Wir haben es nicht gewusst’ van na de oorlog er zelfs bij. Visser vond het vooral vreemd dat de wethouder als portefeuillehouder Sport en Duurzaamheid alle details over de bouw van sporthal/zwembad Het Baken juist wel feilloos uit het hoofd kende.
Boos
Suithoff zelf was blij dat hij eindelijk zijn verhaal in het openbaar mocht doen. “Het klinkt raar, maar ik heb naar deze avond uitgekeken”, aldus de wethouder strijdbaar. “Het is in het belang van ons allemaal dat dit verhaal wordt afgesloten.” Suithoff zei in juli 2020 overvallen te zijn door de mededeling dat er een melding was gedaan over integriteit, waarbij zijn partijgenoot Erik van de Beld was betrokken. “We waren net aan onze zomervakantie in Oostenrijk begonnen. Ik was verbijsterd en dat maakte later plaats voor ongeloof en zelfs boosheid. Ja, mijn gezin en ik waren boos op de indiener, Rob Smeets. Wie verzint het nu om, als het zomerreces begint, met een dergelijk onderzoek te komen?!” Van een ontspannen vakantie was sowieso al geen sprake meer, maar Suithoff besloot niet ‘als een malle’ te gaan bellen met Van de Beld, CU-fractievoorzitter Ernst Bron en collega-wethouders. “Ook heb ik ambtenaren niet gebeld, waardoor het zou kunnen lijken dat ik wilde voorkomen dat er tegenstrijdige dingen zouden worden gezegd. Ik besloot de gekozen vragen af te wachten en naar eer en geweten antwoord te geven.”
‘Lessons to learn’
In het BING-rapport stond bij Suithoff regelmatig de opmerking dat hij zich bepaalde zaken niet kon herinneren. Ook zou hij niet hebben geweten dat Van de Beld in een beoordelingscommissie had plaatsgenomen. “Details hadden niet mijn urgentie en dat had misschien wel gemoeten, realiseer ik me nu”, gaf Suithoff donderdagavond toe. “Ik was met grote onderwerpen bezig, zoals met de nieuwbouw van Het Baken. De suggestie dat het veel dingen niet meer weten wethouderonwaardig zou zijn, heeft mij diep geraakt. Welk belang zou ik erbij hebben gehad?” Wel erkende de betrokkene dat hij ‘veel argwaan en onterechte beeldvorming’ rond zijn persoon had kunnen voorkomen. Hij had naar eigen zeggen dan ook enige ‘lessons to learn’. “Bij korte interacties met een ambtenaar ben je kwetsbaar. Ik zal daarbij nog alerter en scherper moeten zijn en een extra check moeten uitvoeren als het besluitvormingstraject in het geding is”, was een van deze lessen.
Streep eronder
Suithoff zei in 2018 ‘met veel enthousiasme’ te zijn begonnen als wethouder. “Zo wil ik graag weer verder, zodat we onze samenleving nog mooier, duurzamer en vitaler kunnen maken.” De meeste raadsfracties waren te spreken over Suithoffs ‘verdediging’. “De wethouder heeft uit zijn hart gesproken en zijn kwetsbaarheid laten zien, maar hij heeft ook aangegeven dat hij er iets van geleerd heeft”, vatte Van Bruggen (PvdA/GroenLinks) een en ander mooi samen. Ook Smeets (Zeewolde Liberaal), die de integriteitskwestie had aangezwengeld, was blij dat er een punt achter de discussie kon gezet worden. “Het heeft mij óók geraakt. Natuurlijk snap ik Suithoffs boosheid. Ik zou een melding een volgende keer wéér doen, maar wel zorgvuldiger. We hebben er allebei van geleerd. Wat mij betreft kan er een streep onder worden gezet. Laten we hopen op een rustiger zomer.”
Dat laatste hoopte burgemeester Gerrit Jan Gorter ook, op het moment dat hij het agendapunt afsloot nog niet wetende dat een andere wethouder even later geconfronteerd werd met een motie van wantrouwen.




























