
Bij de les | Vlammende minnaar
· leestijd 1 minuut AlgemeenWekelijkse column over het reilen en zeilen op een middelbare school en over de belevenissen in een gezin met pubers en het leven in Zeewolde.
Vlammende minnaar
Morgen is het zover. De wekker gaat weer vroeg, de rugzak staat al klaar bij de deur en de middelbare school begint weer.
Voor de meeste scholieren betekent dit simpelweg het einde van de vakantie, maar voor één van mijn leerlingen uit havo 5 betekent het vooral: hopen op collectief geheugenverlies bij zijn klasgenoten.
Het gebeurde vlak voor de zomervakantie, tijdens de gevreesde mondelinge overhoringen Frans. Hij dacht de code van de taal te hebben gekraakt en wilde indruk maken op de nieuwe Franse docent: een knappe verschijning, weliswaar van de oude stempel maar met een legendarische passie voor Frankrijk.
Op haar vraag wat hij het weekend daarvoor had gedaan, rechtte hij zijn rug. Hij had met zijn vader hamburgers staan bakken. Hij wilde quasinonchalant vertellen dat hij ‘een vuurtje had gemaakt’ (faire un feu). Maar in de stress gooide hij de werkwoorden fataal in de war.
Met een vlekkeloos accent, zwoele blik en vol zelfvertrouwen keek hij haar recht in de ogen en zei luid en duidelijk: “Hier soir, j’ai baisé le feu.”
Wat hij even over het hoofd had gezien, was dat het werkwoord baiser in het moderne Frans allang niet meer onschuldig “kussen” of “maken” is. Hij had zojuist met een strak gezicht beweerd, tegen een knappe docente, dat hij de liefde had bedreven met het kampvuur.
De anders best strenge docent barstte uit in een lachbui, en kroonde hem direct tot De Pyromanische Minnaar. De klas had uiteraard pret voor tien en het verhaal belandde al snel op insta “nieuwe trend: seks met je barbecue”.
Die bijnaam is deze zomer helaas niet in zijn kluisje achtergebleven. De afgelopen twee maanden was het bij elke gezinsbarbecue raak. Zodra hij ook maar in de buurt van de kolen kwam met een aansteker, begon het. “Pas je wel op? Niet te intiem worden met de hamburgers hè!”, riep zijn vader dan lachend door de tuin. En toen hij tijdens een feestje met vrienden de worstjes omdraaide, regende het grappen over “verbrande worstjes”, “vlammende passie” en “hier is bier om te blussen”.
Afgelopen weekend kwam ik hem tegen bij de Nacht van Zeewolde. Hij vertelde me het hele verhaal als een boer met kiespijn. Er kon gelukkig een scheve grijns vanaf. “Nee,” zei hij vastberaden, “geen gewaagde vertalingen middenin de klas meer voor mij dit jaar. En hopen dat ik slaag.”
Niet op facebook zetten hè, zei hij erbij. Ik schudde mijn hoofd. Over een column had hij niks gezegd.






























